Nu nog een oase van rust, over enkele dagen wellicht een heel ander beeld met schaatsers.

‘We gaan voor een gezellig ‘coronaproof’ schaatsweekend met koek en zopie’

Nu nog een oase van rust, over enkele dagen wellicht een heel ander beeld met schaatsers. Martijn Bijzitter

Steenwijkerland – Een NK schaatsen in een zogeheten ‘schaatsbubble’ gaat er niet komen. Dinsdagmorgen is hierover een brief vanuit het Veiligheidsberaad (met daarin de voorzitters van de 25 veiligheidsregio's) naar het ministerie gestuurd. „Geen georganiseerde schaatstochten én ook geen marathons zonder publiek”, aldus burgemeester Rob Bats.

„Laten we niet het onderste uit de kan willen, maar genieten van wat wél kan. En dan wordt het wat mij betreft een gezellig schaatsweekend.”

Want geschaatst gaat er worden, dat beseft hij ook, en daar verheugt hij zich ook op. „Er ligt nu nog amper ijs, maar dat gaat er wel komen. We gaan voor een ‘coronaproof’ schaatsweekend.” Hij beseft dat de Kop van Overijssel dezer dagen een enorme aantrekkingskracht heeft, maar hoopt dat veel mensen in hun eigen woonplaats schaatsvertier zoeken. "Een groot verschil met 2018, toen we ook konden schaatsen, was dat er toen in grote delen van het land nauwelijks geschaatst kon worden. Toen kwam men massaal hier heen”.

Koek en zopie

Al zijn er dan geen tochten, als de (in totaal 19) ijsbanen opengaan en het natuurijs betrouwbaar genoeg is, valt er genoeg te schaatsen in dit immense gebied van honderden vierkante kilometers, vindt de burgemeester. Koek en zopie mag, maar niet in de vorm van losse kraampjes op het ijs. Bestaande horecagelegenheden langs het water, die normaal ook maaltijden bezorgen, mogen chocolademelk, snert en worst en andere lekkere winterversnaperingen verkopen.

„Maar het is niet de bedoeling dat er een terras opengaat”, benadrukte Bats. „Neem je eten en drinken mee voor onderweg of zoek een plekje aan de kant. Blijf niet hangen bij de koek en zopie”. Of er ook toiletvoorzieningen komen voor de schaatsers en andere praktische zaken? Daar wordt nog druk over vergaderd. Op de meren is afstand houden niet zo ingewikkeld, maar in smalle slootjes wordt wellicht eenrichtingsverkeer ingesteld.

Parkeren

Kom zoveel mogelijk lopend of op de fiets naar het ijs, adviseert hij. Parkeren in de bermen is dit jaar namelijk best lastig: er is zoveel sneeuw gevallen dat de sneeuwschuivers sneeuwheuvels hebben gemaakt in de bermen. „We zijn nu met de experts aan het kijken hoe we de bezoekersstroom het beste kunnen managen”. Ook wordt nauwlettend in de gaten gehouden hoeveel auto’s er vanuit de Noordoostpolder, Zwartewaterland en de snelwegen de Kop in komen. „Verkeersregelaars, handhavers en politie zijn paraat. Als het te druk wordt gaan de matrixborden aan – net als in 2018 – met de mededeling dat automobilisten niet verder kunnen. Als het echt te druk wordt, grijpen we in”.

Bats wil om twee redenen geen georganiseerde tochten. „Vooropgesteld: ik begrijp de emoties. Maar we willen ook heel graag dat (horeca)bedrijven in april/mei weer open kunnen en het toerisme weer op gang komt. Dus lekker genieten van schaatsen, sneeuwpoppen maken en sneeuwballen gooien. Laten we niet op zoek gaan naar altijd dat laatste beetje meer”.

Op eigen risico schaatsen

Een ander argument is dat meer mensen die hier heen komen ook meer ongevallen en meer druk op de hulpverleningsdiensten met zich mee brengt. „En dat willen we niet in deze coronatijd, die al veel vraagt van alle hulpverleners”. Hij benadrukt dat mensen die hier komen schaatsen, dat op eigen risico doen. „Verwacht dus niet hetzelfde pakket aan voorzieningen voor schaatsers als voorgaande jaren. Als je een been breekt, kan het zijn dat er niet á al minute iemand klaar staat met een brancard. Ook de reguliere zorg is bezig met een inhaalslag. Het Rode Kruis is er, hulpdiensten zijn in de buurt en leden van de vereniging van Toertochten en van de Overijsselse Merentocht zijn in het gebied aanwezig, maar nogmaals: het is dit jaar anders dan anders”.