Wielrenster Eva Jonkers: 'De laatste maanden train ik weer volop, zo’n 14 tot 16 uur in de week.'

Wielrenster Eva Jonkers uit Staphorst spreekt graag met haar benen. 'Ik moet mezelf de tijd gunnen'

Wielrenster Eva Jonkers: 'De laatste maanden train ik weer volop, zo’n 14 tot 16 uur in de week.' Foto: Martijn Bijzitter

In de wekelijkse rubriek Sportret wordt een regionale bekendheid uit de sport het hemd van zijn/haar lijf gevraagd. Ditmaal is wielrenster Eva Jonkers uit Staphorst aan de beurt.

Geboortedatum en -plaats: 7 oktober 2000. In het ziekenhuis van Lelystad.

Woonplaats: Staphorst. Ik woon hier met mijn vader en mijn broer Bas. Een half jaar geleden zijn mijn ouders gescheiden. Mijn moeder woont elders.

Burgerlijke staat: Sinds juni 2019 heb ik een vriend, Damon. Hij is fietsenmaker, ik wielrenster. Zodoende kwam ik bij hem in de schuur terecht, haha.

Lengte: 1.78 meter. In het peloton ben ik één van de grotere meiden. Het nadeel daarvan is dat je wat minder snel uit de wind zit en meer mee moet nemen omhoog. Maar ik heb genoeg power.

Gewicht: 69 kilogram. De laatste maanden train ik weer volop, zo’n 14 tot 16 uur in de week. In het weekend duurritjes en door de week intervalletjes. Of ik fiets de Lemelerberg een aantal keren op. Daarnaast doe ik thuis nog krachttraining, vaak samen met mijn vriend.

Opleiding: MBO Transport en Logistiek. Niet zo’n groot succes. Ik deed het vooral omdat ik niet wist wat ik wilde en mijn familie in het transport zit.

Beroep: Ik werk 28 uur bij Lindenholz, een fietsenwinkel in Rouveen. Ik doe er van alles, van de administratie tot het helpen van klanten. En ze hebben me een beetje gebombardeerd tot het hoofd van de kledingafdeling.

Favoriete muziek: Gewoon Top 40. Op de fiets luister ik geen muziek. Dat vind ik gevaarlijk. Ik houd mijn hoofd liever bij de weg en geniet van de rust.

Favoriete film: Heb ik niet.

Favoriete tv-programma: Flikken Maastricht . Dat volg ik al vanaf seizoen 1. Er zit ook een Eva in, dan krijg je dat.

Favoriete vakantieland: Met mijn ouders en broer gingen we vroeger altijd zeilen. Meestal naar de wadden. Voor mijn sport ben ik regelmatig in het buitenland. Zo was ik al eens op Mallorca en begin dit jaar op Gran Canaria. De afwisseling in het landschap daar is hartstikke leuk fietsen, maar ik ben altijd blij als ik weer thuis ben. Ik vind Nederland wel wat hebben.

Belangrijkste les van mijn ouders: Doe waar je plezier in hebt. Het woordje ‘huiswerk’ kende ik niet. ‘Fietsen’ wel. Daarom ben ik destijds van de havo naar theoretische leerweg gegaan, om zoveel mogelijk te kunnen fietsen. Mijn ouders zagen ook wel in dat ik van school niet gelukkig zou worden.

Beste eigenschap: Ik ben een allemansvriend, maar als ik iets in mijn kop heb, zit het niet in mijn kont. Ik kan goed eigenwijs zijn.

Slechtste eigenschap: Soms kom ik in de knel, doordat ik niet genoeg aan mezelf denk. Vorig jaar liep ik daardoor tegen de muur. Ik had net een nieuwe baan, mijn ouders gingen scheiden en door Corona werden ook nog eens alle wedstrijden afgelast.. Op een gegeven moment was mijn energie op. Ik had rugpijn en kon wekenlang alleen maar slapen. Toen heb ik besloten om in het wielrennen een stapje terug te doen en afscheid te nemen bij NXTG Racing. Ik rijd nu voor Jan van Arckel.

Je kunt me wakker maken voor: Een mooie wedstrijd. Liefst een meerdaagse, alleen maar fietsen, eten, slapen. Als je het dan een dag niet goed doet, heb je de dag erop een nieuwe kans.

Beste beslissing ooit: Dat ik op mijn veertiende voor het fietsen ben gegaan . Daar zijn mooie dingen uit voortgekomen.

Hobby: Ik was het achterop zitten bij mijn vriend zat, dus heb ik mijn motorrijbewijs gehaald. Maar de kilometers moeten nog komen.

Spijt van: De laatste paar jaar doe ik wat fanatieker aan veldrijden. Soms vind ik het jammer dat ik daar niet al in mijn jeugd mee ben begonnen. Daar had ik qua techniek nu profijt van gehad, denk ik. Maar dat is ook mijn perfectionisme, hoor.

Hekel aan: Aan eetgeluiden. En aan mensen die altijd de ‘mond los’ hebben. Als wielrenster spreek je met je benen.

Levensmotto: Als je iets wilt, moet je ervoor gaan en er dingen voor laten. Afgelopen jaar heeft me volwassen gemaakt. Vorige zomer had ik helemaal geen zin meer om te fietsen. Intussen heb ik er weer ontzettend veel plezier in.

Laatste keer gehuild: Bij de Corona-test, toen we naar Gran Canaria gingen. Waren ze bij mij vergeten het buisje van het wattenstaafje af te halen. Die kwam hard aan! Ik dacht nog: Stel ik me nou zo aan?!

Bang voor: Ik heb een keer een boom geknuffeld met 45 kilometer per uur en onderaan een afdaling heb ik eens kopjegeduikeld. Dan ben ik blij dat ik er goed vanaf kom. Maar het is het risico van de sport.

Mooiste persoonlijke sportmoment: Mijn twaalfde plek in Omloop van de IJsseldelta in 2019, mijn eerste jaar bij de elite. Met een kopgroep van vijftien vrouwen reden we 110 kilometer in de regen, met windkracht 5/6. Een heel mooie wedstrijd!

Favoriete maaltijd: De kipsaté van mijn vriend.

Favoriete drankje: Cola Zero.

Ambitie: Mezelf nog verder ontwikkelen als renster en mooie wedstrijden rijden. Ik ben nog jong. Ik moet mezelf de tijd gunnen.

Ik zou graag eens lunchen met: Mijn oma. Op een leuke plek.