Voorzet
Door Flip Vellinga

Gedreven vakman

Mooi interview in de Meppeler Courant van afgelopen maandag met Jan Derk Brandsma. Een eerlijk en open verhaal over gevoelens en verlangens. Een pleidooi ook voor loyaliteit en vriendschap, die in het geval van Brandsma richting Leo Blom onvoorwaardelijk is. Hij oordeelt, maar wil niet veroordelen.

Sterker nog: het liefst keert hij samen met zijn vriend terug op het veld. Dat zit er dit seizoen niet in, dus is Brandsma voor het eerst na 42 jaar een trainer zonder club.

De passage over zijn ‘nieuwe’ leven vond ik het meest aangrijpend in het verhaal: ‘Ik was de hele week, elke dag bezig met voetbal. Nu heb ik niks meer.’ In die laatste zin zit eigenlijk alles opgesloten. De pijn, het verdriet, de leegte.

Filmpje

Terwijl ik het verhaal las, moest ik terugdenken aan een filmpje dat op social media verscheen na een gewonnen uitwedstrijd met MSC. De stemming in de bus was uitbundig en Brandsma verhoogde de feestvreugde door de microfoon te pakken een paar onvervalste klassiekers ten gehore te brengen. De trainer in de rol van zanger en gangmaker. Zo kende ik hem nog niet, maar het was direct een bewijs van zijn vitaliteit en levenslust. Het trainerschap hield hem jong. Hij was één met zijn jongens.

Voor de media is Jan Derk Brandsma een uiterst toegankelijke trainer. Je weet wat je aan hem hebt. Goed is goed, slecht is slecht. Geen excuses, maar zeggen waarop het staat. No-nonsense. Eerlijk en rechtstreeks. Ik heb dat, in de jaren dat we vaak contact hadden, enorm in hem gewaardeerd. Brandsma speelt geen rol.

Passie en wilskracht

Ooit zaten we, voor een finale in de nacompetitie met Alcides, in zijn prachtige tuin en sprak hij een zin die ik later in mijn trainerscarrière ook een aantal keren heb gebruikt: ‘Als we écht willen winnen, gaan we ook winnen.’ Niemand kon het echter mooier en overtuigender zeggen dan Jan Derk Brandsma. Goed gearticuleerd met een doordringende blik. Na die woorden was er geen ruimte meer voor twijfel. Hij was de trainer die passie en wilskracht overbracht op zijn team.

Ik vind het knap dat het heilige vuur nog steeds niet is gedoofd bij de 66-jarige voetbaltrainer. Dat zegt veel over zijn karakter. Hij is meegegroeid met de nieuwe generatie, die toch heel anders in elkaar steekt dan de spelers uit de jaren zeventig en tachtig. Maar Jan Derk Brandsma is oprecht geïnteresseerd in mensen en daarom heeft hij er geen moeite mee. Hij houdt van zijn spelers, maar vindt het ook heerlijk om na afloop van een wedstrijd in gesprek te gaan met supporters of sponsors.

Hij maakt geen onderscheid in rangen of standen. Of, zoals hij het zelf zo mooi verwoordde: ‘Ouwehoeren, maar ook gericht presteren.’ Natuurlijk moet deze trainer zo snel mogelijk terugkeren op het veld. De hele situatie, waaraan hij part noch deel heeft, heeft al veel te lang geduurd. Voorlopig zit hij in de wachtkamer. Staphorst begint zaterdag aan de competitie, zonder Jan Derk Brandsma. Dat zijn de kille feiten. Gelukkig verstaat hij uitstekend de kunst van het relativeren, maar het blijft wrang. Een gedreven vakman hoort niet thuis te zitten achter de geraniums.