'Als De Reest jonge talenten kan behouden is tweede divisie haalbaar'

Meppel - In ruim vier jaar slechts één training en één competitiewedstrijd gemist. „Best goed toch?”, zeggen Michel en Rutger van den Hoofdakker met een glimlach. De broers nemen na dit seizoen afscheid als trainers van de waterpoloërs van heren 1 van MZ&PC De Reest.

Niet alleen met een tevreden en trots gevoel omdat er een duidelijke verjonging is doorgevoerd, maar ook met het idee dat er méér in had gezeten.

De nood was hoog

Michel (48) is sinds januari 2016 de hoofdcoach van het Meppeler herenteam. Broer Rutger (51) was toen nog speler en samen besloten ze de coaching voor hun rekening te nemen. En dat was nodig ook. Tot die tijd hadden de waterpoloërs geen enkel punt behaald en nog onbevredigender was dat De Reest, na het vertrek van André Senz, zonder trainer-coach het seizoen in ging.

„Ze hadden mij in augustus al gevraagd, maar ik was toen nog actief als trainer en als voorzitter van de technische commissie bij Steenwijk’34. Van mij hoefde het niet, maar de nood was hoog. Voorwaarde was wel dat ik het samen met Rutger zou doen”, laat Michel weten. „Het was sowieso al fijn om iemand voor de groep te hebben”, vult Rutger hem aan.

Naast het maken van afspraken en het verschaffen van duidelijkheid, zette het trainersduo meteen in op een andere speelwijze: pressing eigen helft. Je wil opleggen aan de tegenstander zodat de opponent de bal niet kan krijgen of juist fouten gaat maken. Dit had meteen resultaat. Alle overige negen wedstrijden werden in winst omgezet en De Reest bleef keurig en knap derdeklasser.

Overtuigend 

Het absolute hoogtepunt werd vorig seizoen bereikt met een vijfde plaats en een recordaantal punten. In de huidige jaargang staat De Reest achtste, won het twee keer overtuigend uit van de toenmalige koplopers, maar ging bijvoorbeeld het uitduel met hekkensluiter Nunspeet kansloos en knullig verloren.

„Onbegrijpelijk. Dan lijken we het waterpolo helemaal verleerd te zijn, terwijl we het wel kúnnen. Dit seizoen zijn de verschillen heel klein. De onderste kan van de bovenste winnen”, concludeert Rutger.

„Iedereen mag fouten maken, maar niet drie keer dezelfde”, gaat Michel verder. „Soms heerst hier de instelling bij een aantal spelers van ‘lekker een potje waterpoloën’. Die over-mijn-lijk-mentaliteit mis ik hier weleens. Het is best een redelijk pittig seizoen tot nu toe, al had er zeker meer in gezeten. Waar dat aan ligt? In al die seizoenen hebben we nooit twee jaar achter elkaar in dezelfde samenstelling kunnen spelen. Dat komt doordat jonge waterpolotalenten te snel weggaan. Dan krijgen ze op het CSE (Centre for Sports and Education, red.) in Zwolle het advies om bij een eredivisieteam te gaan spelen. Alleen die stap is heel groot, kost veel reistijd en ze spelen weinig. Bij ons spelen ze álles en doe je heel veel ervaring op. Ik ben ervan overtuigd dat als De Reest die jonge talenten kan behouden, de tweede divisie haalbaar is. Job Voogt is zo’n talent: hij scoort veel, is onze beste speler en belangrijk voor het team.”

Op 7 maart - in de voorlopig laatst gespeelde competitiewedstrijd (Michel: „Ik hoop echt dat we het seizoen afmaken”) - revancheerden de Meppelers zich door thuis Nunspeet te verslaan en op die manier zeker te zijn van divisiebehoud. Hét moment voor de broers om bekend te maken te stoppen.

Fris elan

„Het is sowieso goed dat er na vier jaar iemand anders voor de groep staat. Een nieuw gezicht, fris elan aan de kant en andere ideeën. En wat ook meespeelde is de instelling bij sommige spelers. Die maken te weinig trainingsuren, waardoor je soms maar eenmaal in de twee weken met de gehele groep kon trainen. Als iedereen er vól voor was gegaan, was ik misschien wel gebleven. Nu heb ik een spelerskaart aangevraagd en als het uitkomt, ga ik met Rutger in heren 3 spelen. Want als je samen aan de kant kunt werken, dan kun je ook samen in het water liggen.”