Floris loopt met een waterton op zijn hoofd: ‘In mei valt zijn gewei eraf, dan is hij die ton ook kwijt’

Een ezel stoot zich niet tweemaal aan dezelfde steen. Een hert blijkbaar wel. Hert Floris van Hilbert Bouwmeester uit Ruinen loopt sinds woensdagochtend met een waterton op zijn hoofd rond.

„Ik maak mij er niet zo heel druk om”, zegt Hilbert Bouwmeester droog. Hij weet niet precies hoe het hert dit voor elkaar heeft gekregen. „De waterton stond tussen 2 palen. Hij moet ergens mee bezig zijn geweest, of hij moet iets op de grond hebben zien liggen. De ton is omgevallen en door zijn gewei in elkaar gedrukt. Ik heb er geen andere verklaring voor.” Het eindresultaat van de actie van Floris is dat de waterton precies tussen zijn gewei vastgeklemd zit.

„Het is door hem zo geplaatst dat de waterton niet naar voren of achteren wil.” Hilbert heeft nog geprobeerd om het hert te bevrijden van de waterton. Maar het lukt niet. „Als ik met een stok naar hem toe loopt, rent hij snel weg. Ach, we zien het als een geintje. Het kan allemaal geen kwaad.”

Hilbert gaat ervanuit dat het hert de ton binnenkort wel kwijtraakt. „Als hij moet eten, dan moet hij ook met zijn kop naar de grond. Wellicht raakt hij dan wat en schiet de ton alsnog los.” Mocht dat niet lukken, dan loopt hij er ongeveer een maandje mee op zijn hoofd. „In oktober moet hij er weer mooi uitzien voor de vrouwtjes. In mei valt zijn gewei er sowieso af. Dan is hij die ton dus ook wel kwijt.” En er is nog een beetje extra hoop voor hert Floris. „De lente is vroeg dit jaar. Misschien dat zijn gewei eind april er al wel afvalt.”

Herhaling

Floris heeft een geschiedenis van het plaatsen van objecten op zijn gewei. Eerder liep die al een keer met een ijzeren mand rond. Het hert had het precies voor elkaar gekregen om zijn gewei tussen de 2 pennen van de mand te stoppen, waardoor de mand rechtop op zijn hoofd stond.

„We hebben er toen nog appels ingegooid”, kan Hilbert Bouwmeester er nog steeds om lachen. Toen heeft Hilbert echter wel ingegrepen, omdat die mand echt goed vastzat. „En dat gebeurde in het najaar, volgens mij oktober. Dan is wachten tot mei wel erg lang.”