Gemeentebelangen De Wolden bang voor 'vechtscheiding' met gemeente Hoogeveen na bezuinigingsplannen

Zuidwolde - De fractie van Gemeentebelangen De Wolden is bijzonder kritisch op het bezuinigingsonderzoek dat de gemeente Hoogeveen wil laten uitvoeren naar de ambtelijke samenwerking tussen de twee gemeentes. ‘Een kat in het nauw maakt rare sprongen’, valt te lezen in een persbericht.

De gemeente Hoogeveen kampt met financiële tekorten en moet 8 miljoen euro bezuinigen. De Hoogeveense fractie van de VVD opperde donderdagavond om de kosten van de samenwerkingsorganisatie (SWO) anders te verdelen. Daarmee hoopt de fractie rond de 6 miljoen euro te besparen.

,,Hoogeveen wordt nu ernstig benadeeld’’, stelde raadslid Roelof Bisschop. Volgens hem is de huidige verdeling van kosten tussen beide gemeenten (70 procent voor Hoogeveen en 30 procent voor De Wolden) niet realistisch gezien het aantal inwoners en de oppervlakte van beide gemeenten. ,,Een inwoner van Hoogeveen betaalt nu veel meer dan een inwoner van De Wolden.’’

‘Verandering verdeelsleutel niet ter discussie’

Die gedachtegang schaadt het onderlinge vertrouwen tussen de twee gemeentes flink, stelt GB-fractievoorzitter Petra Haanstra. ‘Met het continue aan de poten zagen wordt wat Gemeentebelangen betreft deze samenwerking wel heel erg op de proef gesteld.’

Wat de Woldense collegepartij betreft is juist dat vertrouwen noodzakelijk. ‘Net als in een huwelijk is samenwerking gebaseerd op wederzijds vertrouwen. We moeten voorkomen dat het een verstandshuwelijk wordt, want dat is wat ons betreft geen goede basis voor een huwelijk. Een vechtscheiding ligt dan op de loer.’

Voor Haanstra is verandering van die verdeelsleutel onbespreekbaar. ‘Tot de laatste vergadering waarin het besluit voor de samenwerking met Hoogeveen genomen werd heeft onze fractie zich zeer kritisch opgesteld. Juist de goed afgewogen verdeelsleutel tussen beide gemeenten was voor ons de reden om uiteindelijk toch in te stemmen met de SWO. Deze verdeelsleutel staat wat Gemeentebelangen betreft dan ook niet ter discussie.’