Volleybaltalent Stijn de Ruijter maakt sprong naar eredivisie

Zuidwolde - Met ingang van het nieuwe volleybalseizoen maakt de zeventienjarige Stijn de Ruijter deel uit van de eerste selectie van Draisma Dynamo uit Apeldoorn. De jeugdige inwoner van Zuidwolde komt over van het Asser Sudosa-Desto, waarmee hij in de eerste divisie speelde.

De Ruijter, tevens jeugdinternational, verwacht bij de twaalfvoudig kampioen van Nederland beslist speeltijd te krijgen. „Of dat ook in de eredivisie is, weet ik natuurlijk niet, maar ook al is het in oefenwedstrijden: ik verheug me er enorm op.”

Meer mogelijkheden

Al op vijfjarige leeftijd maakte Stijn kennis met de volleybalsport. Hij meldde zich aan bij de plaatselijke vereniging VCZ. Hij was actief bij de mini’s, vervolgens was hij de enige jongen in een meisjesteam en ook speelde hij in een mixteam jongens. „Bij VCZ heb ik wel mijn volleybalopleiding gehad. En daarna bij Side Out.” Want toen hij pas veertien jaar was, maakte hij de overstap naar de volleybalvereniging in Slagharen, waarvan het eerste team destijds uitkwam in de tweede divisie. „Ik zag daar meer mogelijkheden dan in Zuidwolde. Het was in eerste instantie niet de bedoeling dat ik direct zou meespelen, maar tijdens een oefentoernooi moest ik invallen omdat beide diagonaalspelers afwezig waren. Daarna ben ik er eigenlijk niet meer uit geweest. Alles viel voor mij op z’n plaats.”

De bijna twee meter lange De Ruijter werkte een verdienstelijk seizoen af en had hoge verwachtingen van het voorbije jaar. Dat pakte echter heel anders uit. „Ja, dat kun je wel zeggen. De donderdag voor de eerste competitiewedstrijd ging ik door mijn enkel. Dat was ergens in september. Daarna heb ik helemaal niet meer gevolleybald. Mijn eerste wedstrijd was met het Nederlands jeugdteam, een interland in januari. Daarna ben ik wel weer aan het spelen van wedstrijden toegekomen.”

Verrassing

Dat er na dat seizoen een overstap naar Apeldoorn in zou zitten, had ook Stijn de Ruijter in zijn stoutste dromen niet verwacht. „Nee, niet echt, want ik stond zo ongeveer een halfjaar buitenspel. Ik had al wel een jaartje meegetraind bij Dynamo, maar dat ze me graag wilden hebben was toch wel een verrassing. Ik kreeg een telefoontje van de trainer, Redbad Strikwerda. Hij wilde graag een gesprek met me hebben. Hij is heel betrokken, persoonlijk en direct. Ik vind het een plezierige man om mee om te gaan. Na ons gesprek was de keus voor mij niet zo moeilijk. Die kans wilde ik natuurlijk met beide handen pakken.’

De jeugdige Zuidwoldiger rekent uiteraard niet op een basisplaats, maar hoopt wel kansen te krijgen om zich op het hoogste niveau te laten zien. „Het zou al mooi zijn als ik tijdens de voorbereiding in oefenwedstrijden wat minuten kan pakken. En wie weet dat ik komend seizoen mijn debuut in de eredivisie kan maken. Ik weet dat ik er hard voor moet knokken. Dat is ook het beste voor me. Het moet me niet zomaar komen aanwaaien. Dat is niet goed voor mijn ontwikkeling”, klinkt het zelfverzekerd.

Verstandig

Het is de bedoeling dat Stijn over een paar maanden in Apeldoorn gaat wonen. Ook wil hij verder studeren. Binnenkort hoopt hij de havo met succes af te ronden. Daarna wil hij de economische kant op: een hbo-studie in Deventer of Zwolle. „Dat moet ik nog even goed bekijken, wat het slimste is. Ik heb nog wel even de tijd, denk ik, want ik verwacht niet dat we gezien de coronacrisis vóór 1 juni in de sporthal kunnen trainen. Misschien dat we dan mondjesmaat een beetje mogen beginnen.”

Of hij de studie laat prevaleren boven een eventueel profcontract als volleyballer? Dat vindt het volleybaltalent te ver vooruit denken. „Het is wat gek om nu al te zeggen dat Dynamo mijn eindstation is. Daar wil ik helemaal nog niet aan denken. Ik denk ook dat het verstandig is een studie af te ronden. Dat is voor een maatschappelijke carrière ook heel belangrijk. Maar met volleybal je brood verdienen in Nederland: dat lukt niet. Dan moet je er wel een baan naast hebben. Wil je dat niet, dan moet je echt naar een sterke buitenlandse competitie. Dat is iets voor over drie of vier jaar, denk ik. Als er eerder een topclub om me staat te springen, zien we dan wel, ha ha.”

Prima indruk

Dat hij een aardig balletje kan slaan, bewijst wel zijn uitverkiezing voor de Oranje Jeugd, waarvoor hij twee jaar geleden werd geselecteerd. Tijdens selectiedagen maakte hij toen een prima indruk. „Je kon je daarvoor zelf opgeven en dat heb ik gedaan. Na die selectieprocedure werd ik gebeld, dat ik mocht meetrainen. Ik was eigenlijk te jong, maar ik ben wel iedere dinsdag naar Papendal geweest. Juist in deze periode zouden we ons voorbereiden op een internationaal toernooi, maar door die corona komt daar jammer genoeg helemaal niets van terecht. In zo’n voorbereiding zijn we langer bij elkaar en trainen we twee keer per dag. Arne Hendriks is de trainer en die pakt ons goed aan. Dat is zwaar, maar ik vind het geweldig om mee te maken. Jezelf steeds maar weer verbeteren, samen met andere jongens die hetzelfde doel voor ogen hebben. Dat is toch iets dat elke sporter wil.”