Drenthe richt noodfonds op voor musea, theaters en podia (en vraagt minister om bijdrage van 1 miljoen)

De provincie Drenthe vraagt aan minister Van Engelshoven van Cultuur een bedrag van 1 miljoen euro uit het landelijke noodsteunfonds voor vitale regionale cultuurinstellingen.

Samen met de Drentse gemeenten wil de provincie een zelfde bedrag bijleggen.

Daarnaast richt de provincie een Drents noodfonds voor musea, theaters en podia op, waar het college van Gedeputeerde Staten een bedrag van 500.000 euro in stopt, afkomstig uit bestaande cultuurbudgetten.

Half april kondigde minister Van Engelshoven van Cultuur een landelijk maatregelenpakket van 300 miljoen euro aan voor de opvang van de gevolgen van de coronacrisis. Onderdeel van dit pakket is een bedrag van 30 miljoen euro voor steun aan instellingen van vitaal regionaal belang. Belangrijke voorwaarde voor die steun is dat provincies en gemeenten zelf ook bijdragen.

Hoe kan de noodsteun het beste worden ingezet?

Provincie en gemeenten hebben in de afgelopen weken samen met culturele instellingen gekeken naar hoe noodsteun het best ingezet kan worden in Drenthe. De conclusie is dat met name musea en podia steun nodig hebben die ook landelijk een rol spelen, zoals het Drents Museum, Herinneringscentrum Kamp Westerbork en de musea in de Koloniën van Weldadigheid of het Hunebedcentrum in Borger.

Daarnaast stelt de provincie dat de Drentse theaters niet alleen een regionale functie, maar zijn ook van groot belang zijn als podium en werkverschaffer voor nationale en internationale culturele makers.

Musea coronaproof maken

Naast de voorgestelde noodsteun aan grotere musea en podia, wordt ook gekeken of de voorgenomen bijdrage van 500.000 euro aan de kleine musea uit de Investeringsagenda, die binnenkort door Provinciale Staten moet worden vastgesteld, ingezet kan worden om de gevolgen van de coronacrisis bij kleine musea op te vangen. Daarbij zou het kunnen gaan om financiële ondersteuning, maar ook om investeringen om een museum coronaproof te maken.