Nieuwe Beurs is tevoorschijn gekomen

Meppel - Een enthousiaste passant zwaait naar Hans Knoop die op de Wheem naar zijn herbouwde horecabedrijf kijkt. ‘Meppel is er blij mee,’ laat de fietser met luide stem weten. Hij vertegenwoordigt de stem des volks.

De herboren Beurs is een architectonische sieraad voor de Meppeler binnenstad. Wie tien jaar uit Meppel is weggeweest en terugkeert, denkt dat de gevel van het oude pand is gezandstraald.

Sinds eind vorige week zijn de bouwsteigers verdwenen en is er vrij zicht op de nieuwe gevel. Circa dertig vakmensen onder meer van Eikenaar werken van ’s ochtend zes uur tot tenminste zes uur ’s avonds om het pand en het interieur op tijd op te leveren. Interieurbouwers hebben hun toevlucht genomen tot hotel De Reisiger om ’s morgens voor dag en dauw aan het werk te kunnen gaan. Het terras krijgt nog een smeedijzeren overkapping van vijf meter in de sfeer van een veranda. Op de eerste verdieping komen boven de ramen markiezen. Een plaatje is het Pakhuis, het rechter deel van de nieuwe Beurs. Voor de bovenramen hangen nu nog houten schotten, maar daar komen glas in loodramen om de sfeer en het karakter van het historische pand terug te brengen.

In nauw overleg met tekenaar Klaas Boer uit Staphorst en Frits Hardon, architect van Heineken, kwamen Hans en Jessica Knoop tot een gedetailleerd ontwerp. Daarbij lieten zij zich inspireren door oude foto’s van de Beurs uit de vorige eeuw. De vorm van de ramen van de oude Beurs moest exact terugkomen. Wat van het interieur van de Beurs na de verwoestende brand op 11 augustus kon worden gered, is schoongemaakt en keert terug. De overheersende kleuren in de Beurs zijn okergeel en dieprood, kleuren die worden aangebracht op reliëfbehang dat dezer dagen zorgvuldig wordt opgeplakt. Bij binnenkomst ziet de stamgast het gemeentewapen van Meppel op de vloer.

Hans Knoop omschrijft de periode na de brand en van de wederopbouw als hectisch. ‘Je weet vantevoren niet wat er allemaal op je afkomt.’ Daarbij komt dat hij begin december een hartoperatie in Zwolle moest ondergaan. Hij werd voorzien van vier omleidingen. De Meppeler horecaman beschikt weer over een puike conditie. Binnen veertien dagen was hij weer bij de wederopbouw betrokken. ‘Ze vroegen de oren van je hoofd: hoe moet dit, hoe moet dat. Ik kon niet alles aan Jessica overlaten.’

Restaurant

Hij gaat voor door het pand. Het ruime sanitair in de kelder, de kinderopvang die er met onder meer een ballenbak komt, de koel- en vriescel en de biercel met vier tanks. Het restaurant dat via de ingang aan de kant van de Grote Kerkstraat is te bereiken, krijgt een ruime bar met een verlaagd plafond. Op de eerste verdieping is via een kleine trap de Herenkamer in het Pakhuis te bereiken. Daar kan men voor het eten een glaasje nuttigen. De conversaties zullen er ongedwongen zijn. Dit gedeelte heeft twee glas in lood ramen. Het restaurant telt veertig zitplaatsen en heeft een aparte toiletgroep. Op de tweede verdieping waar de ruime keuken is geïnstalleerd, regeert Bert van de Vegte, voorheen van restaurant het Boerengerecht in Staphorst en zoon van de illustere horecaman wijlen Jan van de Vegte. Hans en Jessica Knoop zijn in hun nopjes dat Bert van de Vegte de keukenbrigade leidt. Hij voert in het Beursje, de tijdelijke kroeg in een container op de Wheem, vrijwel dagelijks de gesprekken met leveranciers. ‘Een hele zorg minder,’ aldus Knoop.

Op de tweede verdieping zijn alle installaties samengebracht. De modernste apparatuur is zeer energiezuinig. En het geheel is optimaal brandveilig. Langzaam maar zeker komt de oude Beurs in een splinternieuwe jas tevoorschijn. Dat alles binnen veertien dagen gereed moet zijn, is nu verbazingwekkend te noemen. Knoop toont zich optimistisch. ‘Het komt allemaal goed.’
Zwager Jan van der Haar staat dagelijks met een aantal maten naar de bouw te kijken. ‘Hans’, roept hij, ‘het is een sieraad voor de stad.’