Eis: twee jaar cel voor brandstichter IJhorst

IJhorst - Het OM heeft donderdag in de rechtbank in Zwolle tegen de 23-jarige man uit Nijeveen, die onder meer betrokken was bij twee brandstichtingen in IJhorst, een gevangenisstraf geëist van drie jaar, waarvan een jaar voorwaardelijk.

Bovendien werd als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht geëist.

Hij had een beperktere rol dan de mededader, de 23-jarige Coevordenaar, die inmiddels is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverplichting voor acht brandstichtingen, vernielingen, een straatoverval en zeven autokraken.

Deze Coevordenaar werd in juli aangehouden. Hij verklaarde dat bij een deel van de feiten de man uit Nijeveen betrokken was. Die bekende schoorvoetend dat hij hielp bij twee branden op een recreatiepark aan de Veldhuisweg in IJhorst, een handvol auto-inbraken en een afpersingszaak in augustus 2011.

Het slachtoffer werd bij die laats genoemde zaak gedwongen uit zijn auto te stappen, omdat er palen op de weg lagen. Toen hij bezig was die palen te verwijderen was de Coervordenaar aan komen lopen met een bivakmuts op, schreeuwend om geld, terwijl hij schoot met een pistool. Het slachtoffer kon ontkomen. De verdachte uit Nijeveen had hierbij op de uitkijk gestaan.

Hij zei over de eerste twee feiten dat hij alleen als hulpje had gefungeerd. ‘Ik heb flessen aangegeven en een fles in het vuur gegooid.’ De Nijevener bekende dat hij van tevoren wist dat het plan was om brand te gaan stichten. ‘Ik had in eerste instantie niet gedacht dat het zo uit de hand zou lopen.’ Bang om zijn vriend kwijt te raken, had hij zich niet teruggetrokken.

Deskundigen bestempelden de Nijevener als enigszins verminderd toerekeningsvatbaar. De jongeman zou sterk beïnvloedbaar zijn en kan maar slecht nee zeggen. ‘Ik vind het heel jammer dat ik zo ver ben gegaan en niet eerder nee heb durven zeggen’, zei hij zelf.

De raadsman verzocht om, rekening houdend met zijn beperkte rol, het advies van de reclassering te volgen en zijn client drie maanden gevangenisstraf, conform het voorarrest, een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen.

De rechtbank doet op 3 april uitspraak.