'Wij worden gedragen door het dorp'

Nijeveen - Op bescheiden wijze praten Cornelis Hoekman en Wolter Oort over hun werkzaamheden bij IJs- en skeelerclub Nijeveen.

Cornelis is er al ruim 36 jaar actief, Wolter zelfs 37 jaar. Toch vinden beide mannen het niet erg om op de achtergrond te blijven. ‘Ik doe dit werk niet voor mijzelf, maar voor de vereniging. En ik doe het niet alleen. Wij zitten met dertien mensen in het bestuur, waarbij wij allemaal op even enthousiaste wijze werkzaam zijn voor de vereniging’, stelt Cornelis.

Ook Wolter geeft aan dat de manier waarop de vereniging is ingericht, zijn werkzaamheden plezierig maakt: ‘De IJs- en skeelerclub is een spontane vereniging, met inmiddels ruim 200 leden en 15 trainers. Het verenigingsgevoel heerst hier. Dit maakt dat ik nu al 37 jaar lang vrijwillig actief ben voor de club. Wij ondersteunen elkaar. Niet alleen in het bestuur, maar ook met de leden. En we worden zelfs gedragen door het dorp. Je kunt wel stellen dat Nijeveen trots is op ons.’

De mannen denken terug aan de jaren waarin de vereniging nog alleen een ijsbaan had. ‘In de winter kon er geschaatst worden, maar in de zomer verhuurden wij het land aan de boeren. Nu ligt er een officiële wedstrijdbaan, waar wij enorm trots op zijn’, vertelt Cornelis. ‘Dat het zo’n groot succes zou worden, hadden wij van tevoren nooit gedacht’, zegt Wolter. ‘Het geeft een enorm trots gevoel dat je de club door de jaren heen ziet groeien. En dat komt niet door ons, daar werken wij met z’n allen even hard voor’, zeggen de mannen.

‘Volgend jaar hebben wij een jubileumjaar samen’, grapt Cornelis tot slot. ‘Wij zitten nu op 73 jaar vrijwilligerswerk voor de vereniging, maar als wij er volgend jaar allebei een jaartje bij krijgen zitten we samen op 75 vrijwillige dienstjaren voor de IJs- en skeelerclub. Je kunt je vast wel voorstellen dat het een deel van ons leven is geworden.’ Wolter: ‘Niet alleen dat van ons, maar van iedereen die lid is. Wij hebben een hechte groep, zijn vrienden van elkaar en werken in harmonie. Bij ons is nog echt het verenigingsgevoel terug te vinden.’