OM eist na cassatie 9 jaar cel en tbs voor moord Ruinen

Leeuwarden - De advocaat-generaal (OM) in Leeuwarden heeft negen jaar cel en tbs met dwang geëist tegen een inmiddels 39-jarige verdachte wegens moord op een bekende van verdachte in Ruinen, begin november 2011.

Begin november 2011 werd de 39-jarige Jack van der Zee in zijn woning dood aangetroffen. Hij bleek in zijn nek gestoken toen hij op zijn bed lag, liggend op zijn rechterzij. Een tweede steekmoment heeft zich later voorgedaan, toen het slachtoffer naast het bed terecht was gekomen. Uit de sectiebevindingen bleek dat beide serie steekletsels een bijdrage hebben geleverd aan het intreden van de dood.

Ook bleken goederen uit de woning te zijn meegenomen, evenals de auto van het slachtoffer. Verdachte en slachtoffer kenden elkaar.

Het gerechtshof in Leeuwarden veroordeelde de man eerder, op 5 april 2013, tot dezelfde straf als die vandaag is geëist. De verdachte uit Hoogeveen stelde beroep in cassatie in.

De Hoge Raad oordeelde dat het hof de voorbedachte raad onvoldoende had gemotiveerd en wees de zaak terug. Om die reden werd de zaak vandaag opnieuw behandeld. Op de zitting stond de vraag naar de kwalificatie (moord/doodslag) en de strafoplegging centraal.

Moord

De advocaat-generaal vindt dat wel degelijk de voorbedachte raad bewezen kan worden.

'Verdachte heeft zich gedurende enige tijd voorafgaand aan het tweede steekincident kunnen beraden op het genomen of te nemen besluit en niet gehandeld in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling. Hij heeft dus de gelegenheid gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daar rekenschap van kunnen geven. Als er al contra-indicaties zijn voor het aannemen van de voorbedachte raad, zijn die van onvoldoende gewicht. Er is dan ook sprake van moord.

IJskoud

Een lange celstraf is op zijn plaats, zo vindt de advocaat-generaal.

'Verdachte heeft meerdere keren bewust en met kracht met een groot mes op het slachtoffer ingestoken. Dit terwijl het slachtoffer aanvankelijk op zijn zij in bed lag en zich bij het eerste, noch bij het tweede steekincident verweerde, getuige de opvallende afwezigheid van afweerverwondingen. Het slachtoffer heeft hevig gebloed en verdachte heeft hem leeg laten bloeden, terwijl hij er met de auto en andere spullen van het slachtoffer tussenuit kneep. Daarmee heeft verdachte het slachtoffer beroofd van zijn meest fundamentele recht: dat op leven. Hij heeft de nabestaanden onherstelbaar leed aangedaan en grote onrust veroorzaakt in de samenleving. Over het onmiddellijk na de gruwelijke daad verpatsen van de spullen van het slachtoffer kan het OM het alleen maar eens zijn met de eerdere overweging van het Hof: `Dit doet ijskoud aan'.

Na de terugwijzing is verdachte op verzoek van de verdediging onderzocht in het Pieter Baan Centrum. Het PBC komt, net als eerdere gedragsdeskundigen, tot een verminderde toerekeningsvatbaarheid bij verdachte en adviseert tbs met dwang. Dit advies neemt de advocaat-generaal over.

Uitspraak (naar verwachting) over twee weken.