Pauperparadijs is meeslepende vertelling van bijzondere Drentse geschiedenis

Veenhuizen - Regisseur en scriptschrijver Tom de Ket en dramaturge en schrijfster Suzanna Jansen willen met het theaterspektakel Het Pauperparadijs een historisch oordeel uitspreken over stichter generaal Johannes van den Bosch.

Uitvoering: Het Pauperparadijs, theaterspektakel over arm en rijk; regisseur, schrijver: Tom de Ket; dramaturgie: Suzanna Jansen; zang en composities: Lavalu; decorontwerp: Michiel Voet; kostuumontwerp: Carly Everaert en Roos Smith; choreografie: Lonneke van Leth; lichtontwerp: Uri Rapaport en Pepijn van der Sanden; spel: Paul R. Kooij, Dragan Bakema, Steyn de Leeuwe, Margreet Boersbroek, Myrthe Burger, Peter Drost en Manon Nieuweboer; dans: Riccardo Sbrighi; band met Lavalu, zang en piano, Toon Oomen, percussie, Gerhardt Heusinkveld, gitaar, zang, Gijs Coolen, gitaar en Evert van der Waa, bas en synthesizer; ensemble van dertig amateursacteurs-en actrices; naar het boek van Suzanna Jansen; première, zaterdagavond

Locatie: Binnenterrein Gevangenismuseum Veenhuizen. Aantal bezoekers: 1000 (uitverkocht).

Waardering: * * * * * 

 Het is bij vlagen een hard oordeel, maar ze sluiten hun ogen niet voor de verzachtende omstandigheden. De generaal is een bevlogen idealist die in Drenthe kolonies sticht waarin hij zoveel mogelijk mensen die zijn getroffen door de armoede een toekomst wil bieden.
Het verleden heeft veel politieke systemen laten zien, waarin het menselijk tekort uiteindelijk nobele bedoelingen gaat overheersen. De revolutie eet ten slotte haar eigen kinderen op. De uitvoering van de ideeën van generaal van den Bosch en zijn Maatschappij van Weldadigheid betekent een einde aan de menselijke vrijheid. Hij stelt mensen aan die orde en tucht moeten bewaken en daarbij een steeds stringentere discipline opleggen. Toch blijft er oog voor humaniteit, waarbij Tom de Ket sterke parallellen trekt met de actualiteit. Als er in ons land door een aardappelziekte hongersnood uitbreekt, kloppen duizenden mensen aan bij de kolonie. Ze worden niet weggestuurd. Tom de Ket trekt een onverbiddelijke lijn naar nu en de scepsis bij velen over de opvang van vluchtelingen. Het Pauperparadijs is doortrokken van politieke ladingen.

Verbindingsman

Paul R. Kooi is als verteller de sterke verbindingsman die tekst en uitleg geeft en op natuurlijke wijze verschillende scenes aan elkaar last. In een overrompelende slotdialoog tussen de verteller en generaal van den Bosch doet de mediator een klemmend beroep op het publiek. Waar staan de toeschouwers? Ook zij hebben zich gaandeweg aan de hand van het meeslepende spel een oordeel gevormd over de creatie van de generaal. Wij - de toeschouwers - maken geen vuile handen. We doen ogenschijnlijk niets en kunnen daardoor ook niet worden ingehaald en veroordeeld door de geschiedenis. Generaal van den Bosch neemt dat risico wel. Gedreven door grenzeloze ambitie, ideologisch ingekaderde dadendrang en een portie opportunisme, onderneemt hij iets tegen de om zich heen grijpende peilloze armoede.

Armoede

We kunnen met elkaar vandaag de dag weer een Maatschappij van Weldadigheid oprichten, houdt de verteller ons voor. Met een donatie van vijf euro per week helpen we naast de polio ook de armoede de wereld uit. Retorische vragen die de duizend toeschouwers onder wie vele bestuurders - door de verteller de elite genoemd - na de première met zich meenemen. Doen we individueel wel genoeg en hoe kunnen we de kwetsbare mensen in de samenleving helpen? Generaal van den Bosch gaat opmerkelijk toekomstgericht de discussie aan met de verteller. Hij schampert over de Participatiewet en de gefaseerde opheffing van de sociale werkplaatsen. De verantwoordelijke elite onder wie staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken hebben een diepe boodschappentas nodig om conclusies, verwijten en vragen die Het Pauperparadijs oproept mee naar huis te nemen.

Verhaallijn

De belangrijkste verhaallijn is de Romeo en Julia-achtige liefdesrelatie tussen de uit een weeshuis onttrokken Amsterdamse branieschopper Teunis, uitstekend gespeeld door Steyn de Leeuwe, die verliefd wordt op Cato, een innemende Margreet Boersbroek, dochter van een bewakingssergeant van de Maatschappij. Een sterke rol van Dragan Bakema die het ene moment de trotse generaal van den Bosch speelt en het andere moment in een scene belandt  als de in een Napoleontische oorlog gehandicapt geraakte militair en vader van Cato.
Dat is ook de kracht van Het Pauperparadijs, de vloeiende overgang van de ene dubbelrol naar de andere. Nog twee sterke voorbeelden: Peter Drost is de dictatoriale directeur Schepenaar, maar ook de vertwijfelde vader van Teunis. Hij zingt zijn verdriet uit op een dukdalf met uitzicht op de Zuiderzee in de wetenschap dat zijn drie kinderen na een razzia, aldus De Ket, per boot richting Meppel zijn vertrokken. Daar stappen ze over op beurtschepen om via de Drentse Hoofdvaart naar Veenhuizen te varen. De zuster van Teunis, Aagje speelt haar verstandelijke beperkingen geloofwaardig. Ze speelt ook de rol van een parlementslid met - zo contrastrijk - een prachtig zuivere stem.
Al deze ontwikkelingen worden prachtig in beeld gebracht in een indrukwekkend decor, een theatrale ruimte die volgens vormgever Michiel Voet verwijst naar een bouwplaats, compleet met kraan, waar wordt gewerkt aan een nieuwe en betere wereld.

Diefstal

Tijdens de beklemmende slotdialoog tussen de overtuigende verteller in een glansrol van Paul R. Kooij zien we in de verte Cato met een van haar kinderen via een hoge trap weglopen. In enkele dramatische scenes heeft ze ten einde raad tot diefstal besloten van het zilveren bestek van de directeur waarmee ze zijn vertrouwen beschaamt. Ze wil met het geld een toekomst buiten de kolonie voor haar kinderen beginnen. Een eerdere poging daartoe op het Drentse platteland is mede door de vooroordelen van de autochtone bewoners mislukt. Teunis wil in de kolonie blijven en verraadt zijn eigen vrouw. Ze verdwijnt voor vijftien jaar in strafkolonie De Ommerschans. Dat obligate verraad van Teunis strijdt enigszins met de geloofwaardigheid van de rest van het meeslepende theaterstuk.

Vierde gesticht

Bijzonder is de verbeelding van de duivel en het gevaar dat altijd op de loer ligt door danser Riccardo Sbrighi. Het Pauperparadijs kent visuele hoogstandjes tijdens indrukwekkende scenes, zoals het uitbeelden van het 'vierde gesticht', waarmee de duizenden mensen die er zijn overleden worden aangeduid. Ze dragen een wit verlicht kruis op hun rug. Met de uitbeelding van verticaal slapende bewoners begint het leven in de Maatschappij zichtbaar te worden. Het is maar een kleine greep. De muziek van Lavalu met haar prachtige stem is een rijke aanvulling. Complimenten ook aan het ensemble van dertig amateursacteurs- en actrices die een belangrijke bijdrage leveren aan de sfeertekening van het leven in de Maatschappij.
 Tom de Ket schrijft in het prachtig uitgevoerde programmablad dat hij Het Pauperparadijs ziet als een postuum eerbetoon aan hen die nooit gehoord zijn. Hij geeft ze een stem waarmee ze een belangrijke episode van de Nederlandse geschiedenis van behartigenswaardige kanttekeningen voorzien. Het gevoel in een authentieke omgeving te verkeren, wordt geaccentueerd door de regen die na de pauze valt. Gevangen in poncho's op de binnenplaats van het Gevangenismuseum komt de geschiedenis van de Maatschappij van Weldadigheid met al zijn uitzichtloze misère extra krachtig tot leven.
Ton Henzen