Gods bronzen stem klinkt schor in veel dorpen en steden

Steenwijk – In de Onze Lieve Vrouwekerk in Vollenhove hangt als sinds mensenheugenis een bronzen luidklok van 1500 kilo die niet kan luiden. Het gaat om een meesterwerk uit 1509 van de Kamper klokkengieter Geert van Wou (1440-1527).

Het is niet dat het gevaarte in een slechte staat verkeert. Nee, de constructie deugt niet. Luidklokkenexpert Jan Kuipers (74) uit Steenwijk probeert al jaren hemel en aarde te bewegen om hier wat aan te doen. Tevergeefs. ‘De luidklok is niet populair. Dat zie je overal.’

Burgerlijke gemeenten en kerkgenootschappen doen maar weinig aan hun luidklokken. Vaak zijn het dure operaties en daar scoor je niet mee. Niet zelden worden galmgaten dichtgemetseld, hangen de klokken in slechte stoelen of luiden ze te hoog of te laag en vaak zijn ze beschadigd of gescheurd. Dan zijn er nog de bureaucratische molens waar je doorheen moet en dus hangen veel klokken te verpieteren in kerktorens. De bronzen stem van God klinkt niet of schor in veel Nederlandse dorpen en steden.

Expert

Jan Kuipers ergert zich hier mateloos aan. Hij is een van de weinige luidklokkenexperts van ons land. Al ruim veertig jaar vind je hem in heel Europa in torens om bronzen meesterwerken weer goed te laten klinken. In 2001 kreeg hij hiervoor een koninklijke onderscheiding.

Het is niet allemaal kommer en kwel. Soms hebben gemeenten wel oog voor historie. Kuipers deed 400 projecten in Nederland. In Stedum beiert een klok uit 1300 weer zoals de gieter van weleer het bedoelde. Kippenvel in het Groningse dorp. In Loppersum zorgde Kuipers ervoor dat een klok uit 1397 weer klinkt zoals vroeger en ook Havelte klinkt als een klok. ‘Vaak weten de mensen niet wat ze horen.’

Prutswerk

Geert van Wou was de allerbeste klokkengieter die Europa ooit heeft gehad. Kuipers rijdt soms uren om zijn meesterwerken te horen luiden. De donkere bronzen stem van God, zo noemen sommigen het luiden van het brons. Een dergelijk exemplaar hangt ook in de Onze Lieve Vrouwkerk of Kleine Kerk in Vollenhove. Luiden doet ie niet. Dat komt omdat de ophangconstructie niet deugt. Het aanslaan van deze Van Wou-klok uit 1509 met een hamer gebeurt elk half uur, maar dat is niet ‘echt’. Een kluns van weleer maakte een luidconstructie, maar toen de 1500 kilo zware klok ging spreken, stortte de kerk bijna in elkaar. Prutswerk. Dat is al sinds mensenheugenis zo. ‘Iedereen weet het, maar niemand is bereid er wat aan te doen.’
Van Wou maakte ooit drie klokken voor de Grote of Sint Nicolaaskerk in Vollenhove. Eentje ging in de 17e eeuw kapot en is weg, de grootste ging in 1823 naar de Onze Lieve Vrouwekerk, ook wel de Kleine Kerk genoemd en die hoor je dus al jaren op een twintigste van zijn capaciteit.


De enige luidklok die nog in de Grote Kerk in Vollenhove hangt, is ook stuk. Deze Nicolaasklok uit 1511, ook van Van Wou, is gescheurd. Hij wordt wel geluid, maar het klinkt nergens naar en bovendien wordt de schade steeds groter. Kuipers probeert al sinds 1998 het beschadigde monument gerestaureerd te krijgen. Het is trekken aan een dood paard. De kerkelijke en de burgerlijke gemeente komen er niet uit en ook Monumentenzorg praat mee. ‘Onbegonnen werk. Het maakt de mensen weinig uit. Klokken zijn niet populair.’

Clemenskerk

In de Clemenskerk in Steenwijk, de trots van de Olde Veste, is het niet veel beter. Een van de zes klokken is een meesterwerk. Het is een kolos van 1400 kilo, gemaakt door Frederyck Butgen in 1604. Roestvorming aan het ijzeren klepeloog en een vermoedelijke scheur maken dat het juweel alleen op hoogtijdagen klinkt en dan nog schor ook. De grootste ellende richtte de Duitse bezetter aan die het ding roofde. Gelukkig kwam hij terug, maar wel met schade. Dat bleef zo. Bovendien hangen de klokken boven de voor tweederde dichtgemetselde galmgaten met boven de klokken veel loze ruimte. Dat komt door de watertank die er onder hangt en die ook beschermd is. De klokkenstoel zou volgens Kuipers een segment omhoog moeten. ‘Het is alsof je een luidspreker in een kartonnen doos zet. Zonde. Het kan veel beter.’

Ook de Poortklok verkeert in een slechte staat

Ook een andere klok in de Clemenstoren, de zogenaamde Poortklok uit 1638, verkeert in een slechte staat. De kroonarmen kunnen volgens Kuipers zelfs afbreken, met alle gevolgen van dien. Al in 2012 diende Kuipers een plan in voor de restauratie van beide klokken met het advies de stoel naar boven te verhuizen voor een optimale klank. ‘Het werd niks. Te duur, bureaucratie en gedoe. Tegenwerking zelfs’, zegt Kuipers. En dus horen de Steenwijkers schorre klokken uit hun toren. ‘Als de klokken goed hangen en gerestaureerd zijn, weten de mensen niet wat ze horen.’


Jan Kuipers is al 74 jaar. Aan stoppen denkt hij niet. Juist nu niet. Vorig jaar zomer overleed zijn vrouw Jeanet. Ze werd begraven in Steenwijkerwold en Jan mist haar enorm. De klok die luidde op haar uitvaart had hij in 1976 in de toren geplaatst. Het was zijn eerste grote opdracht.