Reünie Klein Orkest smaakt naar meer

Steenwijk - Langverwacht en toch gekomen. Na dertig jaar staat Klein Orkest weer op de planken. De kleurrijke Nederpop van de groep van Harrie Jekkers trekt tijdens haar huidige theatertournee overal volle zalen. Later Is Allang Begonnen En Vroeger Komt Nog Één Keer Terug, zo luidt de titel. Echt waar?

Locatie: Theater De Meenthe, Steenwijk, vrijdagavond
Aantal bezoekers: 600
Waardering: ****

Eenmalige reünies zijn binnen de Nederlandse popmuziek een illusie. Doe Maar, Kayak, Cuby & the Blizzards, Gruppo Sportivo. Allemaal waren ze in de afgelopen twintig jaar terug van weggeweest en bleven ze vervolgens, al dan niet geruime tijd, bestaan. Nooit liet Klein Orkest zich verleiden tot een comeback. Tot anderhalf jaar terug. Na bijna vijftien jaar afwezigheid in het theater begon het dankzij een samenwerking met Jeroen van Merwijk weer te kriebelen bij de inmiddels 66-jarige Jekkers. Een droom ging daarmee voor velen in vervulling. En voor Jekkers zichtbaar ook, want vrijdagavond staat hij in De Meenthe als een dik tevreden man van begin tot eind te stralen.

Afgezien van toetsenist Léon Smit - die vervangen is door Henk Jan Heuvelink - speelt de groep in de oorspronkelijke bezetting en laat in de uitverkochte zaal horen dat haar liedjes nog weinig van haar elan te hebben verloren. Ze laveren tussen speelse humor vol taalgekkigheid, bloedserieuze maatschappijkritische onderwerpen, de liefde, de dood en luchtige kinderliedjes. De voorstelling is één grote flashback naar de jaren tachtig, het tijdperk waarin Klein Orkest drie albums uitbracht en een handjevol hits scoorde. De omlijstende conférences van Jekkers plaatsen de liedjes in een actueel kader. Hoe is Klein Orkest ontstaan, waarom ging de groep uit elkaar en waarom schreef hij met vaste tekstschrijver Koos Meinderts een nieuw lied over een drijvend lijk in Venetië. Bij dat stuk is de verwarring en de aandacht in de zaal het meest voelbaar.

Met hun maatschappijkritische teksten lag het werk van Klein Orkest destijds in het verlengde van de roerige protestliedjes van Bots. Bijna veertig jaar later merk je dat de liedjes van Jekkers cs. heel wat beter de tand des tijds hebben doorstaan. Ze zijn universeler en minder expliciet, bieden meer stof tot nadenken en tegelijkertijd ook een treffend tijdsbeeld.

Over De Muur

Neem het onvermijdelijke Over De Muur, misschien wel het meest iconische Nederpopliedje van de jaren tachtig. Een tekst uit de tijd van het verdeelde Berlijn, het verdeelde Europa. De hond die gewoon bij Checkpoint Charlie vanuit West-Berlijn het oosten inliep, veranderde Jekkers in vogels; als metafoor voor vrede. De beladen en krachtige sfeer die tekst en muziek samen neerzetten grijpt je nog steeds bij de keel.

Treffend ook hoe Jekkers die andere hit Koos Werkeloos halverwege afkapt en de tekst afdoet als ‘patserig’ en ‘kort door de bocht’. Moeiteloos zingt hij daarna Het Hek, over de keerzijde van werkloosheid. Geen kwestie van de geschiedenis herschrijven, maar de tekst in een veel raker kader zetten. Jekkers kan dat als geen ander. Hij is nog niets van zijn relativeringsvermogen en ad rem gevoel voor humor verloren.

Klein Orkest is in de woorden van Jekkers ‘links, maar toch leuk’. En leuk blijft die verwachte toegift: het uit volle borst meegezongen O O Den Haag. ‘Dat liedje zingt men over honderd jaar nog steeds’, aldus de schrijver. De reünie van Klein Orkest voldoet aan alle verwachtingen: de nostalgie regeert, de liedjes zijn tijdloos in al hun eenvoud. Dit is zo’n comeback die naar veel meer smaakt.

Wouter Bessels