SV Blokzijl omarmt vrouwenvoetbal, maar moet het even wat loslaten

VOETBALKRANT 2018: sv Blokzijl. In de kantine van SV Blokzijl prijkt een foto van het vrouwenteam van weleer. En dat is niet zomaar. Het vrouwenvoetbal hóórt gewoon bij groen-wit, weet ook voorzitter Liesbeth Stap: ‘Je moet dames en meiden in je club houden.’

En dat doet SV Blokzijl met verve. Wie deze zomer op haar website keek, zag zelfs dat de vrouwen in de meerderheid waren. Drie gecombineerde seniorenteams met VENO, versus het eerste en tweede herenteam. Ook was er voor het eerst een meisjesteam bij de jeugd onder de acht jaar. Alleen de situatie is nu wat anders bij de 150 actieve leden tellende vereniging. 

‘Het tweede herenteam gaat verder als zevental, dus we hebben nog maar één team op de zaterdag bij de mannen. En bij de vrouwen zijn we helaas genoodzaakt om het zaterdagteam terug te trekken, omdat we simpelweg te weinig speelsters hebben’, betreurt Stap. ‘Dat is inderdaad zorgelijk te noemen, maar het is ook inherent aan een kleine vereniging.’

Samenwerking

En dat terwijl het vrouwenvoetbal twee jaar geleden nog wel een nieuwe boost kreeg. Een beetje toevallig kwam Stap, die toen net voorzitter was geworden, in contact met de ‘buren’ van VENO uit Vollenhove. Ook die club had te maken hadden met het spreekwoordelijke servet en het tafellaken: oftewel te weinig speelsters voor een volwaardig prestatief elftal op de zaterdag en te veel voor alleen maar recreatief ‘zeven tegen zeven’. Die overweging dreef beide teams in elkaars vrouwenarmen. ‘Ik vind dat je als kleine vereniging ook steeds die samenwerking moet zoeken. Dat maakt je alleen maar sterker.’

Er kwam één eerste elftal op de zaterdag, de twee trainingen en de speellocatie werden keurig verdeeld en het team kreeg de beschikking over een leider en een trainer. Kortom, de contouren waren geschetst. ‘VENO is een gelijkwaardige club, het kwam qua ligging goed uit, want we hoefden niet de polder in en de cultuur van die club is vergelijkbaar met die van ons. Het heeft twee seizoenen heel goed gedraaid. Op een gegeven moment hadden we zelfs vier teams: VENO 35+ zeven tegen zeven, twee SV Blokzijl-teams, ook zeven tegen zeven, en het gecombineerde eerste elftal op de zaterdag.’

Dubbele cijfers

Dat eerste elftal had het afgelopen seizoen niet alleen enorm moeilijk in de vierde klasse, want er werden nederlagen met dubbele cijfers geleden. Ook bleek de selectie nog eens aan de jonge kant. Een aantal meiden ging studeren of ergens anders voetballen en van onderuit was er geen aanvulling. Ook niet vanuit VENO, waar een meisjes-B-team simpelweg te klein bleek voor de gewenste doorstroom. Geen zaterdagvrouwenvoetbal  in het seizoen 2018/2019, alleen nog maar zeven-tegen-zeven-damesvoetbal op sportpark De Uiterwaarden.

Stap vindt het zichtbaar jammer en hoopt op betere tijden. Er is bij SV Blokzijl nu een meisjes JO11 team, maar dat noopt de vereniging vooralsnog tot engelengeduld. ‘Je moet dames en meiden in je club houden. Dat is enorm belangrijk. Ze zorgen voor een aangename sfeer en zijn bij onze vereniging bijvoorbeeld heel actief in de activiteitencommissie. Mét hen gebeurt er wat binnen je club.’

Auteur: Erik Riemens