Kasper de Jonge: voetballen, riet snijden en gondelvaart

VOETBALKRANT 2018: SVBS'77. Kasper de Jonge, linksback van SVBS’77 uit Belt-Schutsloot, wil tijdens een voetbalseizoen nog weleens een wedstrijd laten schieten. Naast zijn baan als vertegenwoordiger is hij namelijk rietsnijder. Net als voetbal is dat een belangrijke bezigheid in zijn leven. Hetzelfde geldt voor de vermaarde gondelvaart in zijn dorp.

In een grote tent aan de Belterweg neemt De Jonge eind juli plaats op een van de vele stoelen. De meeste ruimte in de tent wordt ingenomen door de enorme gondel van zijn groep. Verderop staat een grote koelkast, waarin zeker vier kratten bier kunnen worden gestapeld. Op de koelkast hangt een briefje. Daarop wordt afgevinkt en zo is bekend wie hoeveel kratten bier heeft ingebracht in de afgelopen tijd. De kratten staan her en der opgestapeld, bierflesjes liggen overal op de vloer.

Proces

Ieder jaar vanaf mei wordt in Belt-Schutsloot hard gewerkt aan de gondels. Half augustus zitten maanden van hard werken en vooral veel gezelligheid er weer op. Na de gondelvaart staan de met bloemen versierde vaartuigen er nog twee dagen, voor het publiek. ‘Daarna gaat de cirkelzaag erin’, zegt De Jonge, zonder blikken of blozen. Kortom, dan is het mooi geweest. Het proces, het gevoel. De verbroedering, de gezelligheid. Dat is wat het bouwen van de boten zo mooi maakt.  Is de vaart eenmaal achter de rug, dan gaat de focus weer op het voetbalseizoen.

Kasper de Jonge is een 31-jarige verdediger, die al zo’n zestien jaar ervaring heeft in de hoofdmacht van SVBS’77. Zo gaat het nu eenmaal bij een dorpse club. Ooit was hij een aanvaller, maar later bleek hij toch meer een opstomende back, die het van zijn inzet moet hebben. ‘Als je op goals zoekt, dan vind je weinig over mij.’ Gevoel voor humor en een tikkeltje zelfspot heeft hij zeker. 

Bij SVBS’77 kunnen ze net twee teams op de been houden. ‘Maar dit is wel de plaatselijke trots’, vervolgt hij. ‘Alleen keeper Raymon van Til komt niet uit het dorp. Je kent mekaar hier door en door. Ja, er wordt weleens gescholden en het gaat weleens los, maar na het douchen is alles vergeven en vergeten.’ Belt-Schutsloot staat niet bekend om het meest technisch begaafde voetbal. ‘Niet?’, reageert hij uiterst adequaat. ‘Ach, dat  klopt wel’, geeft hij toe. ‘We moeten roeien met de riemen die we hier hebben. Wij moeten het hebben van wilskracht.’ 

Oud ambacht

Bij de linksback komt die wilskracht grotendeels voort uit het riet snijden, dat hij naast zijn baan doet. Samen met zijn vader is hij verantwoordelijk voor flink wat percelen in en rondom Belt-Schutsloot, dat goed bekend staat om z’n riet. In het rietseizoen wordt ook op zaterdagen hard gewerkt. En dat zorgt voor ‘problemen’ , want er moet dan ook gevoetbald worden. Keuzes… 

‘Het is een mooi, oud ambacht, dat weleens wordt geromantiseerd. Dat het zo hard werken is in die kou. Maar voor ons telt gewoon dat we een mooie opbrengst kunnen realiseren als we het in minder uren doen. Als je eenmaal bezig bent, dan heb je het niet zo snel koud.’ Nu vader alleen nog op zaterdagen helpt, is er voor Kasper meer werk in het riet te doen. ‘Het is ook een passie, net als de gondelbouw en voetballen. We hebben veel eigen land. Ik vond het een heel rare gedachte dat iemand anders dan het riet op ons land zou doen, terwijl ik in de wei aan het voetballen was. Het gaat allebei door, het staat allebei hoog en ik heb er lang over nagedacht. Het was alleen een keuze met nadelige gevolgen. Dat heb ik aangegeven bij de trainer. Ik moest gewoon meer doen, dus minder voetballen. Als ik dan naar het tweede had gemoeten, dan zou ik dat ook accepteren. Ik pak de wedstrijden die ik pakken kan. De groep pakte het ook heel goed op.’

Auteur: Alexander Drost