'Hoofdofficier grote obstakel in zoekactie Willeke Dost'

Koekange - De zoekgroep Willeke Dost denkt de schuldige in het vertragen van de zoekactie gevonden te hebben in hoofdofficier Gerard Veenstra. De groep van Jan Huzen uit Emmen heeft inmiddels met alle betrokkenen gesproken, waarbij alleen de officier zich vooralsnog niet wil verlagen om het gesprek met ‘gewone burgers’ aan te gaan.

Tussen de regels door leest de groep dat het de officier is die stampvoetend overal nee op schudt. De groep denkt dat de gemeente De Wolden, de recherche en ook het politiekorps van Drenthe van goede wil is. ‘Maar uit alles blijkt dat het de heer Veenstra is die overal een stokje voor steekt. Ook de zoekgroep weet niet zeker of Willeke daar ligt, maar de aanwijzingen zijn sterk, en dan moet dat onderzocht worden’, aldus de zoekgroep.

Zij vinden het onbestaanbaar en onbeschoft hoe er in Nederland wordt omgegaan met vermiste kinderen. De groep heeft eind vorig jaar drie lijkhonden ingezet van de stichting Signi zoekhonden, die afzonderlijk van elkaar alle drie aansloegen. Daarnaast is er een grondradar van Volker/Wessels ingezet, en deze radar heeft een afmeting waargenomen van 180x80 en 95 cm diep. Later hebben de deskundigen dit vergeleken met andere grafafbeeldingen en zagen daarin veel overeenkomsten. Ook heeft de groep contact met de inmiddels 82-jarige getuige, die op de dag van de verdwijning twee mannen aan het werk zag op de locatie waar nu de aanwijzingen liggen.

Bewezen

De zoekgroep onder leiding van Jan Huzen acht hiermee voldoende aanwijzingen te hebben die minstens een verder onderzoek van justitie verlangen. Maar daar denkt het OM dus anders over, terwijl er door justitie in 2010 een groot onderzoek werd gedaan bij het woonhuis waar Willeke woonde.

Jan Huzen denkt wel te weten waar het mis is gegaan: Justitie heeft in 2010 de bewuste locatie aangezien als behorend tot de tuin van de buren. Uit de gesprekken die Huzen had met de burgemeester kon hij opmaken dat ook de burgemeester hierover vragen heeft gesteld aan het OM. Tijdens het gesprek liet de burgemeester namelijk weten dat het onderhoud van de bewuste locatie gebeurt door de buurman. Huzen houdt zich echter bij de feiten en schermt ermee dat de locatie kadastraal toebehoort aan de pleegouders van Willeke, en dat het daarmee in 2010 onderzocht had moeten worden.

Dat de zoekgroep onderzoek kon doen op het perceel was gefaciliteerd door de politie. Ook die zitten nu enigszins met de zaak in hun maag. Niemand was ervan uitgegaan dat er zulke aanwijzingen boven tafel zouden komen. Ook Jan Huzen had hier geen rekening mee gehouden, en kon het ook maar moeilijk geloven. Zeker na de vorige afgraving die een grote teleurstelling voor hem en de hele zoekgroep was. 

Aanwijzingen

Justitie laat informeel aan de groep weten dat er blijkbaar opeens andere aanwijzingen zijn, dit zou dan ook de vermelding op Interpol rechtvaardigen na 27 jaar. De zoekgroep gelooft hier niets van, en denkt dat ze daarmee de nabestaanden zoet willen houden. ‘Dit alles maakt het nog triester dan het toch al is.’

Er ontstaan overigens ook nieuwe groepen die willen graven en niet langer willen wachten. ‘Ik zou daar boos om zijn, maar dat is niet het geval. Ik kan het alleen maar toejuichen’, zegt Jan huzen in een reactie. ‘Ik hoop dat het zorgvuldig gebeurt, dat is mijn grootste zorg. Kortom niemand hoeft mij meer te berichten voor toestemming. Dit is iets waarin iedereen zijn eigen afweging moet maken. Samen hebben we één doel. De kritiek die er is snap ik wel, de emoties regeren bij velen en dat is volkomen verklaarbaar. Het duurt allemaal te lang zo. We willen allemaal zekerheid. Ligt Willeke daar  JA of NEE    Ik roep niemand op om te graven, maar ik ga de nieuwe zoekgroepen ook niet ontmoedigen.’