Arend Jan Kreuze uit Meppel verkoopt asbestbedrijf. 'We gaan kapot aan de bureaucratie'

Arend Jan Kreuze (68) zet een punt achter zijn levenswerk. Hij heeft zijn bedrijf in asbestsanering, sloopwerken en industriële reiniging met ingang van 1 september verkocht aan ATN, Asbesttechniek Nederland, een bevriende collega in dezelfde branche uit Grootegast, Groningen. De werkzaamheden in Meppel en wijde regio worden vanuit daar voortgezet.

Sjoeke en Arend Jan Kreuze brengen na 1 september twee derde van hun tijd door op Lanzarote.

Sjoeke en Arend Jan Kreuze brengen na 1 september twee derde van hun tijd door op Lanzarote. Foto: Daan Prest

Arend Jan Kreuze heeft geen opvolger. „Ik betrapte me erop dat ik er geen zin meer in heb. We willen nu vooral genieten van het leven. De boerderij aan de Steenwijkerstraatweg wordt verkocht. We gaan in een appartement aan de Kruisstraat wonen. Twee derde van het jaar verblijven we op Lanzarote en de rest van de tijd zijn we in Meppel. Ik ben op dat Canarische eiland net zo bekend als in Meppel.

Vastgoed

In zijn geboortestad blijft Kreuze beschikbaar voor adviezen op het gebied van vastgoed. Aan- en verkoop en bemiddeling deed hij als liefhebberij, naast de dagelijkse werkzaamheden. Dat leverde soms veel publiciteit op. Hij haalde het nieuws met de aankoop van het voormalige Vion-terrein voor negen ton. Hij verkocht de grond aan de gemeente voor 1,4 miljoen euro. Hij was de gemeente gewoon te slim af geweest en had op het hoofdkantoor van de varkensslachterij in Boxtel onderhandelt en een snelle deal gemaakt. De gemeente had de grond nodig voor de uitvoering van het ambitieuze project Noordpoort. De overeenkomst met de gemeente, zo benadrukt Kreuze, werd in een uitstekende verstandhouding met wethouder Ton Dohle gesloten.

Na de verkoop van zijn bedrijf komt niemand op straat te staan. Zijn bedrijfsleider Pascal Gruppen krijgt een baan bij ATN. „De laatste jaren huurde ik zzp’ers in of medewerkers via een uitzendbureau.”

Kreuze begon in 1978 zijn eigen bedrijf, dat eerst was gespecialiseerd in het reinigen van schepen. In 1990 raakte hij bij toeval verzeild in de asbestverwijdering. Mede dankzij Arie Rump, die hoofduitvoerder was van Bouwbedrijf Bloemen. Kreuze kreeg opdracht 7000 vierkante meter asbesthoudende golfplaten te verwijderen. „We waren het eerste asbestbedrijf in het Noorden. We deden veel voor de woningstichting en bouwden ook onder aannemers en particulieren een grote klantenkring op.”

De medewerkers van Kreuze verschenen op hun werkplekken in de bekende witte pakken. „We hebben zoveel meegemaakt. Preventie is erg belangrijk, want je kunt van asbest ernstig ziek worden. De regelgeving is echter doorgeslagen. Verwijdering is haast niet meer uitvoerbaar. Je moet met zoveel dingen rekening houden. De lol is er van afgegaan. Het hele ondernemen, het is alsof je een misdadiger bent. Als in de papieren van de asbestverwijdering een punt of komma verkeerd staat, heb je grote narigheid van de Rijks Uitvoeringsdienst of de Arbeidsinspectie. We gaan kapot aan de bureaucratie. Ik respecteer de mensen die controle moeten houden, maar dan moeten ze wel kundig zijn. In onze branche is het allemaal veel te theoretisch geworden.’‘

Vrije jongen

Arend Jan Kreuze is het archetype van de vrije jongen. Niet lullen, maar poetsen. Rangen en standen doen er voor hem niet toe. Hij heeft door de jaren heen een uitgebreid netwerk van relaties opgebouwd. Dat legde hem ook in het vastgoed geen windeieren, zoals de Vion-deal bewees. Voor projectontwikkelaars bemiddelde hij bij grondaankopen in Berggierslanden en Nieuwveense Landen. „Ik was een loopjongen”, relativeert hij zijn werkzaamheden als bemiddelaar. „Zodra er een bouwbestemming was afgegeven, werd er met de grondeigenaren afgerekend.” Arend Jan Kreuze was als onderhandelaar betrokken bij transacties van in totaal 80 hectare in Nieuwveense Landen en 16 hectare in Berggierslanden. „Het is leuk werk dat ik graag mocht doen.”

In gesprekken met Kreuze passeren veel mensen de revue. Velen in Meppel en de regio kennen hem en hij kent zijn pappenheimers. „Ik lul met iedereen.”

Hij kijkt uit naar een zorgeloos leven als pensionado en hoopt nog lang te genieten. Het had een aantal jaar niet veel gescheeld of hij had zijn levensverhaal nooit meer kunnen vertellen. In de veelbesproken milieustraat van Jan Talen brak op een nacht brand uit. Kreuze en zijn vrouw Sjoeke lagen te slapen, het slaapkamerraam geopend. De boerderij stond pal in de richting van de roetzwarte rook. „Het is dat we een telefoontje kregen van overbuurvrouw Deetje Pol anders hadden we het niet na kunnen vertellen. Ik hield een politieagent op een motor aan en waarschuwde hem dat hij de mensen van de woonschepenhaven moest wekken. Specialisten zijn een week bezig geweest om alles binnen en buiten de boerderij schoon te maken. Het was een grote klerezooi. We hebben een nacht in de Havixhorst geslapen en daar heerlijk gegeten en zijn toen naar Lanzarote vertrokken. Denk je dat ik iets van de gemeente heb gehoord? Later had ik een onderhoud op kantoor met wethouder Henk ten Hulscher aan wie ik het hele verhaal vertelde. Hij heeft toen excuses aangeboden. Dat vond ik klasse van hem.”

Asielzoekerscentrum

Zo waren er meer akkefietjes met de gemeente. Arend Jan verzette zich tegen de komst van een asielzoekerscentrum op een locatie aan de Steenwijkerstraatweg tegenover de woonschepenhaven. Hij vond het een slechte plek, te ver van de stad. Hij vond het fideel van de toenmalige burgemeester Jan Westmaas dat hij het besluit persoonlijk bij hem kwam meedelen.

Bij een andere kwestie had hij ambtelijke toestemming voor een woonark in de vijver bij de boerderij. Na het vertrek van de betrokken ambtenaar werd het besluit teruggedraaid. Er waren in de procedure fouten gemaakt, zo kwamen twee ambtenaren vertellen. „Ik heb er een advocaat bijgehaald, maar heb het verder laten gaan. Ik wilde geen gedoe.”

Vanuit zijn kantoor is er een fraai uitzicht op zijn erf, de vijver met de eendenkooien, de paardenstallen en verderop de weilanden. „Ongemerkt is er veel werk te doen. Daar heb ik niet zoveel zin meer in. We hebben de meeste aardappelen wel gehad”, zo illustreert hij zijn gevorderde leeftijd met een innemende glimlach.

Hij komt nog even terug op het asielzoekerscentrum dat tot zijn tevredenheid niet is gekomen. „Ik ben er echt wel voorstander van dat mensen worden geholpen. Neem de Afghaanse medewerkers van de ambassade. De regering had toch al twee weken terug een vliegtuig moeten sturen. Het is echt schandalig wat er gebeurt. Weer die bureaucratie.”