Jan en Greta Robaard, oorspronkelijke bewoners van de Oosterboer in Meppel, hebben vanaf het erf vrij zicht op de Meppeler Toren | Meppelerdiep

In de serie Meppelerdiep speelt nostalgie een prominente rol. Actuele gebeurtenissen worden geplaatst tegen het decor van het verleden. Met foto’s van toen en nu. Vandaag: Jan en Greta Robaard, oorspronkelijke bewoners van de Oosterboer.

Jan en Greta Robaard in de tuin van de boerderij aan de Blankensteinweg.

Jan en Greta Robaard in de tuin van de boerderij aan de Blankensteinweg. Foto: Daan Prest

Na het gesprek in de weelderige tuin met als statige hoofdbewoner een meer dan honderd jaar oude beuk laat Jan Robaard (89) de stal zien. De tijd heeft er stilgestaan. Er klinkt muziek. Voor de afleiding van de twee overgebleven paarden: Exalted, de in 1987 aan de Blankensteinweg 53 geboren ruin die aan draverijen meedeed op onder andere Duindigt, in Wolvega en Alkmaar. Alle dagen is de ruin buiten om ervoor te zorgen dat er aan zijn „mooie oude dag” niets ontbreekt, vertelt Jan Robaard. Naast Exalted staat in een box de jonge merrie Indy die gefokt is door neef Jaap Werners.

Aan het begin van de jaren zeventig waren de 21 boxen allemaal bezet. Het ruikt in de stal naar nostalgie. Jan knikt zwijgend.

Concours

Iedereen die een beetje bekend is met Meppel kent Jan en Greta Robaard. Zij vormden meer dan 35 jaar het gezicht van het Indoor Concours Hippique in de voormalige markthallen. Tot op de dag van vandaag betreuren Jan en Greta dat de markthallen zijn afgebroken en er een einde kwam aan een voor Meppel belangrijk evenement dat duizenden bezoekers trok. Ruiters en amazones uit binnen– en buitenland begonnen in Meppel vaak hun internationale carrière.

Greta vertelt dat Jan verknocht is aan Meppel en aan de Oosterboer in het bijzonder. „Hij kan geen dag zonder de Meppeler Toren.” De herkenbare baken zit nu in zijn hoofd. Vroeger kon hij hem vanaf zijn eigen landerijen zien. „Als we aan het hooien waren, konden we aan de Meppeler Toren zien hoe laat het was om te eten.”

Groene hart

Het is bijna niet voor te stellen dat er geen huizen stonden. Momenteel vinden er gesprekken plaats met bewoners over aanpassingen en verbeteringen. Bijvoorbeeld in het Groene Hart van het eerste deel van de Oosterboer, de Verzetsbuurt. Het groene hart van de Oosterboer, dat zijn eigenlijk de weilanden rondom de boerderij van Jan en Greta Robaard. Ze hebben de nieuwbouw zien oprukken. Gestaag en onstuitbaar.

Ze hebben er 57 jaar gewoond, in de groene oase. Ze gaan verhuizen, de boerderij is verkocht aan een Meppeler ondernemer die ook van paarden houdt. Jan wil er niet over praten. Greta regelt de verhuizing naar de twee-onder-eenkapper aan de Meerkoet. Jan schudt zijn hoofd. Als we later door de oude tuin lopen, wijst hij naar de karakteristieke bomen. Centraal staat de markante beuk met zijn verschillende stammen waarvan de takken nooit zijn gesnoeid. Hij wijst ook naar de aanbouw van de boerderij. Ze woonden er na hun huwelijk een tijd met zijn ouders én grootouders.

Paarden

„Het eerste wat ik ’s morgens doe, is de paarden voeren”, vertelt Greta (85). „En het laatste is de paardenstallen afsluiten.” Natuurlijk gaat ze dat missen, maar Greta is realistisch. Jan gaat nu al twee dagen in de week naar de dagopvang. Hij praat zacht, maar zijn geheugen is ijzersterk. Hij vertelt over het boerenbedrijf, de groei van twintig naar 63 melkkoeien met jongvee en de paarden die hij erbij deed. „We hadden een dubbele melkstal met automatische mestafvoer.” Vanaf 1972 werd het vee geleidelijk verkocht. „Daarna hadden we wat meer paarden.”

Een deel van hun tijd werd opgeslokt door de organisatie van het concours hippique. Hij was ook drie jaar fractieleider van VVD/Gemeentebelangen. Jan verliet de plaatselijke politiek abrupt uit onvrede over een ontwikkeling binnen schouwburg Ogterop. Na de ingrijpende verbouwing aan het begin van de jaren zeventig - toen ook al een belangwekkend onderwerp in de lokale politiek - was hij het niet eens met de gang van zaken rond de benoeming van een nieuwe pachter. „Ik had een hekel aan jaknikkers.” Jan is een man van principes en consequent handelen. Over de huidige generatie bestuurders wil hij niet te hard oordelen, maar hij signaleert soms luchtfietserij. „Toen was men meer praktijkgericht en stond men met beide benen op de grond.”


Wordt vervolgd