Mbo en hoger onderwijs weer open zonder 1,5 meter. ‘Het blijft spannend, je wilt dat niemand ziek wordt’

Studenten, het mbo en het hogere onderwijs kunnen opgelucht ademhalen. Vanaf eind deze maand is er in grote lijnen weer normaal onderwijs mogelijk.

Mbo en hoger onderwijs weer open zonder 1,5 meter

Mbo en hoger onderwijs weer open zonder 1,5 meter Foto: Martijn Bijzitter

De meeste onderwijsbeperkingen vanwege corona worden opgeheven. Zo hoeven de leerlingen onderling geen anderhalve meter afstand meer te bewaren. Silvester Koehoorn, regiodirecteur Drenthe College Meppel, is opgelucht dat de studenten weer fysiek les krijgen. „Wij zijn hier heel erg blij mee. Maar het blijft het spannend, je wilt absoluut niet dat iemand ziek wordt.”

Afstandsonderwijs

Het afgelopen collegejaar kregen de studenten nog voornamelijk afstandsonderwijs. Ze konden gemiddeld een dag per week naar de mbo-opleiding, universiteit of hogeschool om fysiek lessen te volgen. Daarbij moesten ze dan anderhalve meter afstand van elkaar houden. Hoewel deze maatregel vervalt, zullen er wel andere regels blijven gelden die het aantal besmettingen moeten beperken. Zo blijft het dragen van een mondkapje buiten de les- en collegezalen verplicht en geldt er een maximale groepsgrootte van 75 studenten per ruimte.

Zelftesten

Ook worden personeel en studenten tweemaal per week opgeroepen zich te blijven zelftesten. „Wij kunnen de leerlingen niet verplichten om zichzelf te testen. Wij proberen ze wel te stimuleren. Bij klachten: blijf thuis”, zegt regiodirecteur Koehoorn.

Het tweemaal per week laten testen, is volgens Algemeen Onderwijsbond-bestuurder Henrik de Moel onrealistisch. „Uit ervaringen in het hoger onderwijs blijken zelftesten niet populair onder jongeren”, stelt hij. „Bovendien is het voor een school vanwege privacyregels oncontroleerbaar of leerlingen inderdaad twee keer per week zo’n test uitvoeren.”

Die zelftesten zijn overigens minder betrouwbaar dan de coronatesten die je bij teststraten kan laten doen, stelt het RIVM. Zelftesten zijn minder gevoelig en kunnen daardoor besmettingen missen, zeker als iemand relatief weinig virusdeeltjes bij zich draagt. Van alle besmettingen detecteren deze testen 60 tot 80 procent.