Peter Schimmel en Rudie Holterman al 35 jaar samen in snackbar in Meppel. 'Bij De Markies nog nooit zo druk gehad als nu'

„Na twintig jaar kenden we het Meppeler nachtleven als cafetaria-eigenaren wel. Mensen van onze leeftijd gingen uit, wij gingen werken. Zo gaat dat in deze branche; wij werken als anderen vrij zijn. Eén dag in het jaar zijn we dicht, op eerste kerstdag. Eén keer zijn we op die dag open geweest. Toen had ik tijd om de hele Bijbel te lezen!”

Rudie Holterman (rechts) en Peter Schimmel runnen samen al 35 jaar verschillende cafetaria's.

Rudie Holterman (rechts) en Peter Schimmel runnen samen al 35 jaar verschillende cafetaria's. Foto: Daan Prest

Peter Schimmel (56) lacht. Samen met zakenpartner Rudie Holterman (56) zit hij aan een tafeltje in hun cafetaria De Markies. Het is net na de middag op een doordeweekse dag. Twee klanten druppelen de zaak aan de Woldstraat binnen voor een snack. Buiten op de bank heeft zojuist een man met rollator even halt gehouden en uitgerust. Onder de in Meppel zo bekende rode markiezen.

Het is vijfendertig jaar geleden dat Schimmel en Holterman hun snackbarcarrière startten met de overname van cafetaria Prinsenplein van de oom van laatstgenoemde. „We werkten er allebei al, het was een logische stap”, vertelt Holterman over de zaak recht tegenover discotheek Lord Nelson. Porky’s Cafetaria in de Grote Kerkstraat kwam erbij, en later ook nog Euro Snack in de Hoofdstraat.

We sprongen ieder weekeinde over de toonbank, omdat het vechten was

De twee zakenpartners kwamen middenin het uitgaansleven van Meppel. Ieder weekeinde weer. Holterman: „Iedereen kende ons. En nu nog. We werkten tachtig uur in de week. Of misschien wel meer. In het weekeinde tot 6.00 uur om enkele uurtjes later om 11.00 uur weer open te gaan.”

Schimmel schetst naast de tijden nog een keerzijde van werken in de nachtelijke uren. „In de snackbar aan het Prinsenplein sprongen we ieder weekeinde over de toonbank, omdat het vechten was. Dat is de nare kant, die agressie. Dus gezellig? Nee, niet altijd.”

Van Euro Snack en Prinsenplein werd afscheid genomen en een poos runden ze Porky’s en De Markies, die er in 1998 bijkwam. „We wilden De Markies eerst Snackbar Schimmel noemen, maar dat leek ons toch niet zo’n verstandige naam!,” lacht Peter. Inmiddels richten ze zich alweer jaren samen op De Markies alleen. Met de verkoop van de snackbar in de Grote Kerkstraat kwam er een einde aan twintig jaar werken in het nachtleven van Meppel.

„Het was mooi geweest. Nee, we hebben het niet gemist. Je tent om 24.00 uur dicht kunnen doen, heerlijk. Later werd dat 22.00 uur, want in die late uurtjes hadden we alleen nog maar dronken lui. Daar waren we wel klaar mee. Tijdens de coronaperiode verschoof de sluitingstijd naar 20.00 uur. Dat hebben we zo gehouden, dat beviel ons wel.”

Profijt van thuisbezorgservice

Met de snackzaak profiteren de ondernemers nu gigantisch van hun gouden zet om vier jaar geleden een thuisbezorgservice te starten. Toen vanwege corona de snackbars voor bezoek dichtgingen, hadden Holterman en Schimmel de hele logistiek klaar staan om te gaan bezorgen. Holterman: „Zondag werden de coronamaatregelen aangekondigd, maandag waren we dicht en dinsdag was het alle hens aan dek. Inmiddels hebben we ieder weekeinde vier auto’s en een fiets rijden.”

Op de vraag wat er zo leuk is aan dit werk, antwoordt Schimmel: „Het is de vrijheid, je bepaalt zelf wat er gebeurt. En natuurlijk hebben we onze wagen ook nog hè, waarmee we op events staan. Dat vind ik eigenlijk nog het leukst. In 35 jaar is er veel veranderd. Er is veel vegetarisch en veganistisch eten bijgekomen. Het assortiment is groot. En de aantrekkelijkheid van patat? Tja, zeg het maar. Ik ben er zelf niet eens zo weg van! Maar als je aan kinderen vraagt wat ze willen eten, is het toch altijd nog patat of pannenkoeken. Een eierbal, een gehaktbal; ze zullen altijd blijven.”

„We hebben het in de afgelopen 35 jaar nog nooit zo druk gehad als nu. Ja, ik ben tevreden als ik terugkijk op al die jaren. Maar ik doe het geen tien jaar meer. En ook geen vijf. We zien het wel.”