Dappere Drentse dames uit Koekange en IJhorst halen Santiago de Compostella al steppend en fietsend. Tocht gaat de boeken in als zeer nat en zwaar.

Albi Popken, haar zus Erna Bijsterbosch en vriendin Aukje Kuyer zijn zaterdagmorgen rond half twaalf aangekomen in Santiago de Compostella. Na een zware tocht van 63 dagen op de step en de fiets stonden de dames op een zonovergoten Praza do Obradoiro, waar ze een warm welkom kregen van hun mannen.

Daar staan ze dan op een op zonovergoten Praza do Obradoiro in Santiago de Compostela: Aukje, Albi en Erna na een rit van 2500 kilometer in 63 dagen.

Daar staan ze dan op een op zonovergoten Praza do Obradoiro in Santiago de Compostela: Aukje, Albi en Erna na een rit van 2500 kilometer in 63 dagen. Eigen foto

Hun pelgrimstocht via de Jacobsroute, met de stichting Surizorg als het goede doel, gaat de boeken in als zeer nat en zwaar. Ze vertrokken begin mei in Haarlem met regen en begonnen hun laatste dag ook in de nattigheid. Gelukkig brak de zon door voor de dappere Drentse dames.

Het was eigenlijk de bedoeling dat Albi en Erna steppend en Aukje op de fiets de route van zo’n 2500 kilometer zouden afleggen. Dat lukte niet helemaal, want in Frankrijk bleek dat Albi haar step voor een fiets moest inruilen wegens rugklachten. Vanaf de Frans-Spaanse grens werd een paar keer gekozen voor de trein en de bus, wat op zich ook al een uitdaging was door bussen en treinen met vertraging.

De nodige klimkilometers

De keuze voor het openbaar vervoer werd mede ingegeven door de zwaarte van het Noord-Spaanse traject, met de nodige klimkilometers. Ook belandden ze nogal eens op gevaarlijke B-wegen, waar het verkeer met grote snelheid voortraasde. Toch sloegen de dames uit IJhorst en Koekange de afgelopen tien dagen zeker niet alle bergen over. De Montes de León bijvoorbeeld kende na 2200 kilometer steppen een bijzonder steile klim van 7,5 kilometer. Bij de beklimming van de O Cebreiro, twee dagen later, werkte het weer ook nog eens niet mee. „Steppen was bergopwaarts niet te doen”, aldus Albi. Met 6 graden, regen en wind en een stijgingspercentage om u tegen te zeggen, werd het afzien.

Een beetje naïef

Des te groter was zaterdag de ontlading op het grote plein bij de kathedraal, waarbij direct al werd teruggeblikt. „Het was mooi, het was waardevol, het was indrukwekkend, het was bijzonder, het was super. Terugkijkend waren we in een aantal zaken wat naïef. Het navigeren kon beter, de app was wennen, maar ook de gedachte dat je altijd wel een slaapplaats zou vinden en anders ergens in een tuin je tent kon opzetten, bleek wat naïef. Tegelijkertijd was het moeilijk om je een voorstelling te maken van wat zo’n tocht van jezelf en je maatjes vraagt”, constateert Albi Popken.

„We kwamen redelijk veel wandelpelgrims tegen. Gek eigenlijk dat je steeds dezelfde mensen tegenkomt onderweg. Het lopen van de route trekt me niet erg, is toch wel heel ver. Ook voelen we ons geen echte pelgrims. Ons doel is ook anders dan bij de andere Caminogangers denk ik. Voor ons geldt dat palliatieve zorg voor iedereen bereikbaar moet worden. Zonder financiële drempels”, filosofeert Albi.