Weet je het nog? Dat handboogschutter Gijs Broeksma uit Ruinen enkele millimeters verwijderd was van een bronzen medaille met Nederland. Zo presteerden de olympiërs uit de regio

De Olympische Spelen in Tokio zitten erop. Alle medailles zijn uitgereikt. De sluitingsceremonie is geweest. Uit deze regio zijn een aantal olympiërs in actie gekomen in Tokio. Lees hier hoe ze het deden.

Niek Kimmann uit Dedemsvaart pakte een gouden medaille.

Niek Kimmann uit Dedemsvaart pakte een gouden medaille. Foto's: ANP

„Ik moet gewoon als het hek valt, vooruit bewegen. Hard trappen. Zuiver landen. Toen kwam ik de eerste bocht uit. Ik dacht wat gebeurt mij hier. Ik was zo gaar na de laatste dagen, dat ik telkens bang was ingehaald te worden. En toen kwam ik over de lijn.” De woorden van BMX’er Niek Kimmann tegen de NOS , nadat hij goud heeft gewonnen. De 25-jarige Kimmann begon toen hij 5 jaar was met BMX’en, bij FCC de Vaart in Dedemsvaart. Nu is hij de eerste Nederlander die olympisch goud wint bij het BMX.

Anna van der Breggen, die sinds dit jaar in Meppel woont, weet al hoe het is om (goud) te winnen. Wereldkampioenschappen, Europese kampioenschappen, Nederlandse kampioenschappen, klassiekers, klassementen in meerdaagse koersen, noem ze maar op. In Rio won ze het olympisch goud op de wegwedstrijd. Die olympische kleur heeft ze nog niet op de tijdrit. In Rio pakte ze destijds het brons.

De Spelen in Tokio zijn voor Van der Breggen haar laatste Spelen. Ze stopt na dit jaar als profwielrenster. Ze gaat verder als ploegleider. Tokio is dus haar laatste kans op de olympische titel tijdrijden. Ze redt het niet. Annemiek van Vleuten steekt met kop en schouders boven iedereen uit. Anna van der Breggen pakt brons. „Mijn derde olympische medaille, en daar ben ik blij mee”, zegt ze na afloop tegen de NOS . „Uiteindelijk is het nog een medaille geworden, en dat valt me nog mee. Het ging gewoon niet heel lekker. Sommige dagen kan je gewoon heel diep gaan. Nu kon ik gewoon niet harder.”

Nog voordat de Spelen officieel beginnen, zitten voor Gijs Broeksma en Vivianne Miedema hun eerste wedstrijd er al op. Broeksma rondt de kwalificatieronde voor het boogschieten als 17de af, Miedema begint met de voetbalvrouwen uitstekend aan de Spelen. In de eerste groepswedstrijd tegen Zambia scoort de aanvalster uit Hoogeveen maar liefst vier doelpunten. „Het is mijn olympische debuut en ik heb nog nooit vier keer in Oranje gescoord. Dat maakt het toch wel heel erg speciaal”, zegt ze na afloop. Ze houdt er een concrete herinnering aan over: de wedstrijdbal. Bij het scoren van een hattrick (drie doelpunten), mag je de bal namelijk mee naar huis.

Nederland wint die wedstrijd uiteindelijk met 10-3. Een record, meerdere records zelfs. Niet eerder is er zo veel gescoord in een olympische voetbalwedstrijd, en het is ook het hoogste aantal doelpunten voor de winnende ploeg. Miedema pakt zelf ook een record op het toernooi. Ze scoort in het hele toernooi maar liefst tien doelpunten. Daar houdt ze verder geen tastbare herinnering aan over. Nederland verliest in de kwartfinales na penalty’s van de Verenigde Staten. In die kwartfinale heeft ze een belangrijke rol. Ze scoort beide doelpunten voor Nederland. Maar ze mist ook de eerste penalty voor Nederland in de penaltyserie.

Voor Niek Kimmann beginnen de Olympische Spelen beduidend minder. Tijdens een training rijdt de BMX’er uit Dedemsvaart een official vol aan. Die official steekt precies als Kimmann eraan komt rijden de baan over. Kimmann houdt er een scheurtje in zijn knieschijf aan over. „Toen dacht ik dat deze droom voorbij is. Maar ik wist ook: ik ben relatief jong, deze baan ligt mij. Als ik ooit een olympische titel wil pakken, moet het nu”, vertelt hij tegen de NOS . Veel tijd om te herstellen is er niet. Drie dagen na de botsing, wachten de kwartfinales. Ondertussen is wel bekend hoe dat is afgelopen.

Het is op dat moment sowieso nog niet echt de tijd voor de Nederlandse wielrenners. De Nederlandse wegwielrensters zijn de torenhoge favoriet om goud op te halen, maar het goud wordt niet opgehaald. Annemiek van Vleuten denkt dat ze goud wint, maar wordt tweede. Een onbekende Oostenrijkse is namelijk ver voor haar al over de streep gekomen. Anna van der Breggen eindigt die race als vijftiende.

Wie wel een goed begin heeft is Andrea Deelstra. De in Dwingeloo opgegroeide atlete loopt de marathon. „Heel bewust rustig begonnen. De groep ging ook rustig. Ik vond het prima”, zegt ze na afloop tegen Sporza . Maar voordat de marathon halverwege is, krijgt ze last haar linkerheup. „Toen begon een blessure op te spelen die ik in Berlijn heb gehad in 2018. Na de 25 kilometer heb ik toch zeker drie, vier keer moeten wandelen.” Alles bij elkaar gokt ze tussen de drie en vijf minuten te hebben gewandeld.

„Even de spanning eraf. Mijn benen een beetje masseren. Mijn heup masseren. En dan weer gaan. En dan liep ik weer in op die meiden. Ik voelde mij supersterk. Maar ja, mijn been deed niet helemaal wat het moest doen. Ik wilde mij niet de vernieling inlopen, getwijfeld om te stoppen.” Dat doet ze niet. „Het zijn wel de Olympische Spelen. Je loopt wel in Nederlands tenue. Ben blij dat ik gefinisht ben.”

Waar Deelstra tijdens de Spelen in Rio 60ste wordt in een tijd van 2:40:49, komt ze in Rio tot de 44ste in 2:37:05. „Dat zegt me niets. Het gaat om klassering. Ik had bij de eerste twintig moeten lopen natuurlijk.” Op haar eigen website schrijft ze: ‘Ik was conditioneel in goede doen en goed voorbereid op de omstandigheden, maar op die ene dag moet alles kloppen en niet bijna alles. Het was bijna, maar net niet. En dat voelt als een grote teleurstelling. (...) Na de mannenrace te hebben gekeken, met de vele uitvallers, besef ik mij des te meer hoe speciaal het is geweest dat ik wel finishte! Het daalt langzaam in. Voor de tweede keer stond ik er. Voor de tweede keer finishte ik op de Spelen. Oké, het was niet waarvoor ik kwam, maar hé, het zijn de Spelen! Dat is best wel speciaal.’

Springruiter Marc Houtzager, geboren in Hoogeveen en wonend in Rouveen, grijpt net naast een medaille. Op de landenwedstrijd wordt hij, met Harrie Smolders en Maikel van der Vleuten, vierde. Bij de landenwedstrijd telt de score van de drie ruiters samen. Houtzager, op zijn paard Dante, komt tot negen strafpunten. Tijdens zijn run gaan er twee balken af, en hij haalt de tijdslimiet niet.

De 50-jarige Houtzager is de eerste die voor Nederland in actie komt in de finale. En omdat Nederland zich nipt weet te kwalificeren voor de finale, komt hij al als tweede van alle springruiters op de baan. „Je kan niet kijken naar ruiters voor je”, zegt hij tegen de NOS. „Soms loopt het parcours anders dan het rijdt. Dat is nu ook het geval.” Hij wil ermee zeggen dat vooraf de ruiters het parcours over lopen. Stappen tellen. Maar op het paard rijdt het net even anders. „Normaal gesproken met parcourslopen maak je een plan, en daar houdt je je aan.”

Individueel komt Houtzager ook in actie. De 50-jarige Houtzager weet zich te kwalificeren met een foutloze rit, maar in de finale gaat het minder. Hij eindigt als 21ste, met dertien strafpunten (drie keer een balk eraf, en de tijdslimiet niet gehaald).

Gijs Broeksma komt ook zowel individueel als met een landenwedstrijd in actie. Maar dan in het boogschieten. Voor de 21-jarige Broeksma uit Ruinen is het zijn olympisch debuut. Hij komt wel héél dichtbij een medaille. Millimeters. In de landenwedstrijd strijdt Nederland, met Broeksma, Sjef van den Berg en Steve Wijler, tegen gastland Japan om de bronzen medaille. Na de reguliere vier sets staan de twee landen gelijk. Dan volgt er een shoot-off.

Een shoot-off houdt in dat iedere speler van het team één pijl mag schieten. Land met meeste punten wint, zo simpel is het. Echter, Japan en Nederland schieten allebei 28 punten in de shoot-off. En dan telt de pijl die het dichtst bij het midden van het bord zit. En dat is een pijl van Japan. „We hebben gevochten voor wat we waard zijn, maar dat is net niet genoeg”, reageert Broeksma na afloop tegen de NOS . De pijl van Broeksma in de shoot-off belandt overigens in de 9.

Individueel strandt Broeksma in de tweede ronde, na een shoot-off. Deze keer opnieuw tegen een Japanner, Takaharu Furukawa. Broeksma schiet in de beslissende shoot-off in 9, Furukawa in de 10. ‘Ik hou mijn hoofd hoog na het verlies’, schrijft hij op sociale media. ‘De Olympische Spelen zijn voorbij voor mij. Ik ben trots op wat ik hier in Tokio heb laten zien, wetende dat dit nog maar het begin is. Wat een ervaring.’